|
|
|
| ECLI:NL:CBB:2026:250 | | | | | Datum uitspraak | : | 09-06-2026 | | Datum gepubliceerd | : | 09-06-2026 | | Instantie | : | College van Beroep voor het bedrijfsleven | | Zaaknummers | : | 24/572 | | Rechtsgebied | : | Bestuursrecht | | Indicatie | : | Hoger beroep. Boete voor overschrijding maximaal toegestane bezettingsdichtheid pluimveestal. Beroep op overmacht (ontbreken verwijtbaarheid) gaat niet op. Geen matiging boete. | | Trefwoorden | : | landbouw | | | stallen | | Wetreferenties | : | Wet dieren
| | | | Uitspraak | uitspraak
COLLEGE VAN BEROEP VOOR HET BEDRIJFSLEVEN
zaaknummer: 24/572
uitspraak van de meervoudige kamer van 9 juni 2026 op het hoger beroep van
[naam] B.V., te [vestigingsplaats] (kuikenmesterij)
(gemachtigde: J.A. Brok)
tegen de uitspraak van de rechtbank Rotterdam van 17 mei 2024, kenmerk 23/1114, in het geding tussen
de kuikenmesterij
en
de staatssecretaris (voorheen de minister) van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur
(gemachtigde: mr. A.F. Kabiri)
Procesverloop in hoger beroep
De kuikenmesterij heeft hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank Rotterdam van 17 mei 2024 (ECLI:NL:RBROT:2024:4608).
De staatssecretaris heeft een schriftelijke uiteenzetting over de zaak gegeven.
De kuikenmesterij heeft een aanvullend stuk ingezonden.
De zitting was op 30 maart 2026. Aan de zitting hebben de gemachtigden van partijen deelgenomen.
Inleiding
1.1
Het gaat in dit hoger beroep om de bezettingsdichtheid in een pluimveestal van de kuikenmesterij. Voor deze stal geldt een maximale bezettingsdichtheid van 42 kg/m². De kuikenmesterij begint in een lege stal met een aantal kuikens (de opzetdatum). De kuikens groeien daar op en gaan aan het eind van de mestronde, na aan aantal weken, naar de slachterij. Veel kuikenhouders, waaronder de kuikenmesterij, kiezen ervoor om bij het opzetten met meer kuikens te starten dan het geldende maximum voor de bezettingsdichtheid aan het einde van de mestronde toelaat. Om dat maximum aan het eind toch niet te overschrijden, wordt tussentijds een deel van de kuikens al naar de slachterij afgevoerd; dit heet uitladen. De achtergebleven kuikens gaan op een later moment ook naar het slachthuis; dit heet wegladen (de stal is daarna leeg). De bezettingsdichtheid van een stal wordt door de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) berekend op basis van het gewicht van de kuikens die bij het slachthuis worden aangevoerd.
1.2
Op 15 juli 2021 hebben twee inspecteurs van de NVWA een administratieve hercontrole uitgevoerd bij de kuikenmesterij. De bevindingen daarvan zijn neergelegd in een rapport van bevindingen van 20 december 2021. Dit rapport vermeldt dat er in stal 4 tijdens het wegladen op 19 februari 2021 een bezetting was van 42,56 m² en dat daarmee sprake was van een overbezetting van 0,56 kg/m². Daarnaast vermeldt het rapport dat de kuikenmesterij de hokkaarten van alle stallen onvolledig heeft bijgehouden omdat de uitlaadaantallen en resterende aantallen vleeskuikens niet zijn geregistreerd.
1.3
Op basis van deze bevindingen en in overeenstemming met zijn voornemen tot het opleggen van een boete, heeft de staatssecretaris met het besluit van 14 oktober 2022 (boetebesluit) een boete van € 3.000,- aan de kuikenmesterij opgelegd voor twee beboetbare feiten. In de eerste plaats is de maximaal toegestane bezettingsdichtheid van 42 kg/m² van stal 4 overschreden. Dit is een overtreding van artikel 2.2, tiende lid van de Wet dieren, gelezen in samenhang met artikel 2.50, eerste lid en vierde lid, onder a, van het Besluit houders van dieren (Bhd). Het boetebedrag voor deze overtreding is € 1.500,-. In de tweede plaats zijn niet voor elke stal een aantal gegevens geregistreerd, wat ook een overtreding van bepalingen van de Wet dieren en het Bhd heeft opgeleverd. Ook voor deze overtreding is het boetebedrag € 1.500,-.
1.4
In het besluit op bezwaar van 13 januari 2023 (het bestreden besluit), waartegen het beroep bij de rechtbank was gericht, heeft de staatssecretaris het bezwaar van de kuikenmesterij tegen het boetebesluit ongegrond verklaard en dit besluit gehandhaafd.
Uitspraak van de rechtbank
2 De rechtbank heeft het beroep ongegrond verklaard. De kuikenmesterij heeft in beroep onder meer aangevoerd dat bij de overschrijding van de maximale bezettingsdichtheid sprake was van overmacht. Doordat de NVWA op 15 februari 2021 geen keuringen in de slachterijen verrichtte, werd de gehele planning van de slachterij opgeschoven, waardoor de kuikens van de kuikenmesterij langer in de stal bleven en de overbezetting werd veroorzaakt. De rechtbank heeft dit beroep op overmacht verworpen en daartoe het volgende overwogen, waarbij voor ‘eiseres’ de kuikenmesterij en voor ‘verweerder’ de staatssecretaris moet worden gelezen:
“6.1. De rechtbank stelt vast dat eiseres niet betwist dat zij de maximaal toegestane bezettingsdichtheid in stal 4 bij het wegladen op 19 februari 2021 met 0,56 kg/m² heeft overschreden. Als uitgangspunt geldt dat het verboden is om vleeskuikens te houden; dit volgt uit artikel 2.50 van het Besluit houders van dieren. Een uitzondering op dit verbod is alleen mogelijk als een bepaalde bezettingsdichtheid niet wordt overschreden en aan andere voorwaarden wordt voldaan. Het is de verantwoordelijkheid van eiseres als professioneel pluimveebedrijf om ervoor te zorgen dat in haar stallen de bezetting nooit hoger is dan 42 kg/m². In dat kader mag ook van haar worden verlangd dat zij een marge aanhoudt om te volle stallen te voorkomen. Niet is gebleken dat eiseres dit voldoende heeft gedaan. Ervan uitgaande dat de kuikens in de laatste week ongeveer 100 gram per dag groeien, zoals eiseres stelt, zou de bezettingsgraad in stal 4 al binnen een dag na de geplande slachtdag zijn overschreden. Op de hoorzitting heeft eiseres zelfs aangegeven dat geen sprake zou zijn geweest van een overschrijding als zij de kuikens acht uur eerder had kunnen opladen. De rechtbank volgt eiseres niet in haar betoog dat sprake is van overmacht wegens de omstandigheid dat op 15 februari 2021 bij de desbetreffende slachterij niet kon worden geslacht omdat de toezichthouders van de NVWA vanwege slechte weersomstandigheden (code rood) niet aanwezig waren. Op die datum was niet gepland dat kuikens van eiseres zouden worden geslacht; de slacht van de kuikens in stal 4 stond pas drie dagen daarna gepland. De omstandigheid dat de kuikens van eiseres als (indirect) gevolg van de gebeurtenis op 15 februari 2021 één dag later zijn geslacht dan gepland, valt binnen de risicosfeer van eiseres. Als zij een marge had aangehouden, had zij de overschrijding van de maximale bezettingsgraad immers kunnen voorkomen. (…)”
Kort samengevat en voor zover voor het hoger beroep van belang, heeft de rechtbank verder het volgende overwogen. De hoogte van de boete is in dit geval niet onevenredig. De staatssecretaris heeft terecht gesteld dat geen sprake is van geringe gevolgen of risico’s voor het dierenwelzijn. Door de overschrijding van de maximale bezettingsdichtheid – ook al was deze minder dan 1 kg/m² – hadden de kuikens in stal 4 minder ruimte dan is toegestaan. De rechtbank verwijst daarbij ook naar wat zij heeft overwogen over de keuzes die de kuikenmesterij in haar bedrijfsvoering heeft gemaakt en wat van haar mocht worden verwacht op het punt van het aanhouden van een marge. Verder is de rechtbank niet gebleken van bijzondere omstandigheden op grond waarvan de boete gematigd had moeten worden.
Wettelijk kader
3 Het toepasselijke wettelijke kader is opgenomen in een bijlage bij deze uitspraak.
Beoordeling van het hoger beroep
4 Het College zal de hogerberoepsgronden hieronder bespreken en daarbij voor zover nodig ingaan op het standpunt van de staatssecretaris.
Omvang van het hoger beroep
5 Zoals de kuikenmesterij op de zitting heeft bevestigd, staat de boete voor het onvolledig bijhouden van de hokkaarten in het hoger beroep niet meer ter discussie. De hoger beroepsgronden hebben alleen betrekking op de boete voor de overschrijding van de maximale bezettingsdichtheid.
Is sprake van overmacht?
6.1
De kuikenmesterij betoogt dat de rechtbank haar beroep op overmacht ten onrechte heeft verworpen. De rechtbank heeft miskend dat de overschrijding van de bezettingsdichtheid is veroorzaakt door het plotse besluit van de NVWA om op 15 februari 2021 geen toezichthouders naar de slachterijen te sturen. Hierdoor kon die dag niet worden geslacht, is de hele slachtplanning opgeschoven en moesten de kuikens langer in de stal blijven. De NVWA heeft nooit eerder zo’n ingrijpend besluit genomen. Het aanhouden van een marge in de bezetting bood geen oplossing om de overbezetting te voorkomen omdat het hier gaat om de groei van levende dieren.
6.2
Het College volgt de kuikenmesterij niet in dit betoog. Op grond van artikel 2.50 van het Bhd is een bezettingsdichtheid van 42 kg/m² de maximaal toelaatbare uitzondering op het in dit artikel geregelde verbod op het houden van vleeskuikens. Hieruit volgt dat een pluimveehouder verplicht is ervoor te zorgen dat de bezetting nooit boven de 42 kg/m² komt. In dit geval kon op maandag 15 februari 2021 niet worden geslacht omdat de NVWA-toezichthouders vanwege slechte weersomstandigheden (code rood) niet in de slachterij aanwezig waren. Volgens de oorspronkelijke slachtplanning zouden de vleeskuikens in stal 4 op donderdag 18 februari 2021 worden geslacht. Omdat de maandag als slachtdatum is weggevallen is de planning voor die week opgeschoven en zijn de kuikens van stal 4 een dag later, op vrijdag 19 februari 2021, geslacht.Het is de verantwoordelijkheid van de kuikenmesterij om te voorkomen dat de maximale bezettingsdichtheid wordt overschreden. Daarbij moet de pluimveehouder er rekening mee houden dat zich onverwachte omstandigheden kunnen voordoen, zoals in dit geval het verschuiven van een slachtdatum. De kuikenmesterij kan ervoor kiezen om een (ruimere) marge aan te houden, of om meer kuikens uit te laden voor het einde van de mestronde. Dat de kuikenmesterij dat niet heeft gedaan, komt voor haar eigen risico. De kuikenmesterij stelt weliswaar dat zij een marge heeft aangehouden, maar die marge is blijkbaar niet voldoende ruim geweest om te voorkomen dat al bij een uitstel van de slacht met één dag de bezettingsdichtheid boven 42 kg/m² komt.
Ook stelt zij tevergeefs dat de groei van kuikens niet direct en nauwkeurig kan worden bijgestuurd zonder het dierenwelzijn te schaden. Een dergelijk bijsturen is niet aan de orde als een voldoende marge in de bezetting wordt gekozen. Net als de rechtbank concludeert het College dat in de gegeven omstandigheden geen sprake kan zijn van overmacht. De hogerberoepsgrond slaagt niet.
Hoogte van de boete
7.1
Volgens de kuikenmesterij is de hoogte van de boete voor de overschrijding van de bezettingsdichtheid niet proportioneel. Het gaat slechts om een kortdurende (negen uur) en geringe (0,56 kg/m²) overschrijding van de maximale bezettingsdichtheid. De vleeskuikens groeien in de laatste dagen voor het wegladen met gemiddeld ongeveer 4 gram per dier per uur. Dit betekent dat als de dieren enkele uren eerder weggeladen hadden kunnen worden, er geen overschrijding was geweest. Er zijn geen aanwijzingen dat het dierenwelzijn door de overschrijding is geschaad. Bovendien heeft de kuikenmesterij de bezettingsdichtheid sinds 14 februari 2021 niet meer overschreden terwijl zij vanaf die datum tot nu toe 136 koppels (4.174.000 dieren) heeft afgeleverd.
7.2
Het College overweegt over dit betoog het volgende. Op grond van artikel 2.3, aanhef en onder a, van het Besluit handhaving en overige zaken Wet dieren wordt het boetebedrag gehalveerd als de risico’s of de gevolgen van een overtreding voor het dierenwelzijn gering zijn of ontbreken. Er bestaat onvoldoende aanleiding voor het oordeel dat deze risico’s en gevolgen in dit geval gering of afwezig zijn geweest. Niet valt uit te sluiten dat de overschrijding van de maximale bezettingsdichtheid met 0,56 kg/m² heeft geleid tot een zodanige overbezetting in de stal dat het welzijn van de kuikens hierdoor is aangetast, ook als de overschrijding acht of negen uur heeft geduurd, zoals de kuikenmesterij stelt. Bovendien betreft het hier een overschrijding van de maximaal toegestane bezettingsdichtheid van 42 kg/m². Dat de kuikenmesterij na 19 februari 2021 de maximale bezettingsdichtheid niet meer heeft overschreden, is positief maar geen reden om hier anders over te oordelen. Overigens is de overbezetting op 19 februari 2021 niet de enige keer geweest dat de kuikenmesterij de maximale bezettingsdichtheid heeft overschreden; ook op 4 februari 2020 en 30 december 2019 zijn bij haar overschrijdingen geconstateerd waarvoor boetes zijn opgelegd en een waarschuwing is gegeven.
7.3
Voor een matiging van de boete wegens bijzondere omstandigheden met toepassing van artikel 5:46, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) ziet het College ook geen aanleiding. Uit wat hiervoor in 6.2 en 7.2 is overwogen volgt dat geen sprake is van een verminderde verwijtbaarheid of een beperkte ernst van de overtreding als bijzondere omstandigheden. De hogerberoepsgrond slaag niet.
Slotsom
8 Het hoger beroep slaagt niet. Het College zal de uitspraak van de rechtbank bevestigen.
Beslissing
Het College bevestigt de uitspraak van de rechtbank.
Deze uitspraak is gedaan door mr. T. Pavićević, mr. M.J. Jacobs en mr. C. de Kruif, in aanwezigheid van mr. C.T.C. Welters, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 9 juni 2026.
w.g. T. Pavićević w.g. C.T.C. Welters
Bijlage
Algemene wet bestuursrecht
Artikel 5:46, derde lid
Indien de hoogte van de bestuurlijke boete bij wettelijk voorschrift is vastgesteld, legt het bestuursorgaan niettemin een lagere bestuurlijke boete op indien de overtreder aannemelijk maakt dat de vastgestelde bestuurlijke boete wegens bijzondere omstandigheden te hoog is.
Wet dieren
Artikel 2.2, tiende lid
Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen voor het onderwerp, bedoeld in het negende lid, voor dieren of voor dieren behorende tot bepaalde diersoorten of diercategorieën, regels worden gesteld die betrekking hebben op onder meer:
(…)
r. een verbod op het houden van bepaalde diersoorten of diercategorieën, indien niet is voldaan aan ten aanzien van dat dier gestelde regels als bedoeld in onderdeel b, c, d, e, f, k, l en p.
Besluit houders van dieren
Artikel 2.50
1. Het is verboden vleeskuikens te houden.
2 Het verbod, bedoeld in het eerste lid, is niet van toepassing indien:
a. de bezettingsdichtheid niet hoger is dan 33 kg/m2, en
b. wordt voldaan aan de artikelen 2.51 tot en met 2.54.
3 In afwijking van het eerste lid en het tweede lid, onderdeel a, is het toegestaan vleeskuikens te houden met een hogere bezettingsdichtheid dan 33 kg/m2, indien:
a. de bezettingsdichtheid niet hoger is dan 39 kg/m2, en
b. wordt voldaan aan de artikelen 2.55 tot en met 2.58.
4 In afwijking van het eerste lid, het tweede lid, onderdeel a en het derde lid, is het toegestaan vleeskuikens te houden met een hogere bezettingsdichtheid dan 39 kg/m2, indien:
a. de bezettingsdichtheid niet hoger is dan 42 kg/m2, en
b. wordt voldaan aan het gestelde bij of krachtens de artikelen 2.55 tot en met 2.64.
Besluit handhaving en overige zaken Wet dieren
Artikel 2.3, aanhef en onder a
Indien de risico’s of de gevolgen van een overtreding voor de volksgezondheid, diergezondheid, dierenwelzijn of milieu:
a. gering zijn of ontbreken, wordt het bedrag, bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, gehalveerd; | Link naar deze uitspraak
|
| | |
|
|