Inloggen 
 

 Registreren
 Wachtwoord vergeten?


Terug naar het beginscherm

 
 
 
Neem contact op met de Agro-advieslijn:
0570-657417 (Houtsma Bedrijfsadvies)
ECLI:NL:RBOVE:2026:724 
 
Datum uitspraak:11-02-2026
Datum gepubliceerd:13-02-2026
Instantie:Rechtbank Overijssel
Zaaknummers:C/08/329093 / HA ZA 25-58
Rechtsgebied:Civiel recht
Indicatie:Freeland is een groothandel in (biologische) groenten en fruit. Begin 2022 heeft Skal het bio-certificaat van Freeland B.V. met zes maanden opgeschort, omdat Freeland B.V. niet aan de biologische regelgeving voldeed. Na het opschortingsbesluit is Freeland Organics opgericht en heeft zij een eigen certificatie-aanvraag ingediend. Skal heeft deze aanvraag “on hold” gezet in afwachting van het plan van aanpak dat Freeland B.V. naar aanleiding van het opschortingsbesluit moest indienen. Dit (aangepaste) plan is eind 2022 goedgekeurd, waarna Skal begin 2023 aan Freeland Organics het bio-certificaat heeft verleend (met gelijktijdige beëindiging van het bio-certificaat door Freeland B.V.). Freeland verwijt Skal dat zij (1) het opschortingsbesluit met een half jaar heeft uitgesteld, (2) de certificatie-aanvraag van Freeland Organics niet direct in behandeling heeft genomen en (3) het standpunt heeft ingenomen dat het opschortingsbesluit – gericht aan Freeland B.V. – in het geval van een naamswijziging ook voor Freeland Organics zou gelden. Freeland stelt dat Freeland Organics door deze onrechtmatige besluiten/standpunten van Skal schade heeft geleden die Skal moet vergoeden. Skal voert verweer en betwist, kort gezegd, dat zij onrechtmatig heeft gehandeld. De rechtbank verklaart Freeland B.V. in haar vorderingen niet-ontvankelijk en wijst de vorderingen van Freeland Organics af.
Trefwoorden:biologisch
skal
wettelijke rente
 
Uitspraak
RECHTBANK Overijssel

Civiel recht

Zittingsplaats Zwolle

Zaaknummer: C/08/329093 / HA ZA 25-58


Vonnis van 11 februari 2026


in de zaak van




1FREELAND ORGANICS B.V.,
te Emmen,
2. FREELAND B.V.,
te Sleen,
eisende partijen,
hierna samen te noemen: Freeland (dan wel apart Freeland Organics en Freeland B.V.),
advocaat: mr. J. van den Brink,

tegen


STICHTING SKAL H.O.D.N. SKAL BIOCONTROLE,
te Zwolle,
gedaagde partij,
hierna te noemen: Skal,
advocaten: mrs. M. Timpert-de Vries en F.D. Bick.





1De zaak in het kort


1.1.
Freeland is een groothandel in (biologische) groenten en fruit. Begin 2022 heeft Skal het bio-certificaat van Freeland B.V. met zes maanden opgeschort, omdat Freeland B.V. niet aan de biologische regelgeving voldeed. Na het opschortingsbesluit is Freeland Organics opgericht en heeft zij een eigen certificatie-aanvraag ingediend. Skal heeft deze aanvraag “on hold” gezet in afwachting van het plan van aanpak dat Freeland B.V. naar aanleiding van het opschortingsbesluit moest indienen. Dit (aangepaste) plan is eind 2022 goedgekeurd, waarna Skal begin 2023 aan Freeland Organics het bio-certificaat heeft verleend (met gelijktijdige beëindiging van het bio-certificaat door Freeland B.V.).

Freeland verwijt Skal dat zij (1) het opschortingsbesluit met een half jaar heeft uitgesteld, (2) de certificatie-aanvraag van Freeland Organics niet direct in behandeling heeft genomen en (3) het standpunt heeft ingenomen dat het opschortingsbesluit – gericht aan Freeland B.V. – in het geval van een naamswijziging ook voor Freeland Organics zou gelden. Freeland stelt dat Freeland Organics door deze onrechtmatige besluiten/standpunten van Skal schade heeft geleden die Skal moet vergoeden.

Skal voert verweer en betwist, kort gezegd, dat zij onrechtmatig heeft gehandeld.
De rechtbank verklaart Freeland B.V. in haar vorderingen niet-ontvankelijk en wijst de vorderingen van Freeland Organics af.





2De procedure


2.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding van 17 februari 2025 met 20 producties;- de conclusie van antwoord met 40 producties;- de brief waarin is meegedeeld dat een mondelinge behandeling is bepaald;
- de akte overleggen producties (21 t/m 23) van Freeland;
- de mondelinge behandeling van 6 november 2025, ter gelegenheid waarvan partijen spreekaantekeningen hebben overgelegd en door de griffier aantekeningen zijn gemaakt.



2.2.
Ten slotte is vonnis bepaald.





3De feiten


3.1.
Freeland B.V. is een groothandel in groenten en fruit. Vanaf 2008 tot 2022 handelde Freeland B.V. in zowel biologische als niet-biologische producten en was zij bio-gecertificeerd (certificaatnummer 1536830). Tot eind 2024 was [naam 1] middellijk bestuurder van Freeland B.V., waarna zijn zoon, [naam 2], hem heeft opgevolgd.



3.2.
Skal is een zelfstandig bestuursorgaan dat toezicht houdt op de naleving van biologische regelgeving in Nederland.



3.3.
Op 10 juni 2021 en 7 juli 2021 heeft Freeland B.V. drie meldingen van het aantreffen van residuen van in biologische producten niet toegestane stoffen in partijen uien bij Skal gedaan. Naar aanleiding van deze meldingen heeft Skal verzocht om gegevens over de traceerbaarheid van de betreffende partijen uien door te geven. Omdat Freeland B.V. deze gegevens niet verstrekte, heeft Skal op 9 september 2021 een inspectie uitgevoerd, waarvan de bevindingen in een rapport van gelijke datum zijn neergelegd. Bij brief van
14 september 2021 heeft Skal meegedeeld dat zij drie afwijkingen heeft geconstateerd: twee ernstige afwijkingen en één lichte afwijking. Op 30 september 2021 heeft Skal een aangekondigde herinspectie uitgevoerd, waarvan de bevindingen in een op 6 oktober 2021 herzien rapport zijn neergelegd. Skal heeft toen vijf afwijkingen geconstateerd, waarvan twee kritieke afwijkingen, twee ernstige afwijkingen en één lichte afwijking.



3.4.
Bij besluit van 26 oktober 2021 heeft Skal een zestal partijen biologische rode uien, die Freeland B.V. in de handel had gebracht, per direct gedecertificeerd. Dit betekent dat deze partijen de biologische status definitief verliezen en niet met verwijzing naar de biologische productiemethode mogen verwerkt en nog verder verhandeld worden. Tegen dit besluit heeft Freeland B.V. bezwaar gemaakt. Tijdens de mondelinge behandeling op 29 maart 2022 heeft Freeland B.V. haar bezwaar ingetrokken.



3.5.
Op 23 december 2021 heeft Skal opnieuw een aangekondigde inspectie bij Freeland B.V. uitgevoerd, waarvan de bevindingen in een rapport van gelijke datum zijn neergelegd. Skal heeft toen één ernstige afwijking en één lichte afwijking geconstateerd.



3.6.
Bij besluit van 24 februari 2022 heeft Skal het bio-certificaat van Freeland B.V. per direct opgeschort voor alle relevante bedrijfsactiviteiten (ook ‘scopes’ genoemd) – te weten: 46 (Groothandel), 46.20.1 (Import van biologische producten van buiten de EU) en 46.31 (Groothandel in groenten en fruit en in consumptie-aardappelen) – voor de duur van zes maanden. Daarbij is Freeland B.V. onder meer opgedragen om vóór 24 juni 2022 een plan van aanpak in te dienen waarin Freeland B.V. aantoont dat haar bedrijfsvoering in overeenstemming is gebracht met de biologische regelgeving. Tegen dit besluit heeft Freeland B.V. bij e-mail van 14 april 2022 (pro forma) bezwaar gemaakt. Bij e-mail van 21 april 2022 heeft Skal meegedeeld dat dit bezwaar te laat is ingediend. Daarbij is Freeland B.V. verzocht om binnen twee weken aan te geven of, en zo ja waarom, sprake is van een verschoonbare termijnoverschrijding. Freeland B.V. heeft hierop niet gereageerd.



3.7.
Op 17 maart 2022 is Freeland Organics opgericht. Zij houdt zich bezig met het exploiteren van een (groot)handelsonderneming in (uitsluitend) biologische groente en fruit, alsmede im- en export van biologische groente en fruit. Freeland Organics is de biologische tak van Freeland, terwijl de reguliere handelsactiviteiten in Freeland B.V. zijn ondergebracht.



3.8.
Op 24 maart 2022 heeft Freeland Organics via een spoedprocedure een certificatie-aanvraag bij Skal ingediend.



3.9.
Naar aanleiding van een telefonische bespreking op 11 april 2022 stuurde Skal twee dagen later een e-mail met onder meer de volgende inhoud aan Freeland:



Vervolg aanvraag



Op 24 maart jl. heeft Freeland Organics BV een certificatie-aanvraag ingediend bij Skal. Dit verzoek is nog niet in behandeling genomen. In het vooronderonderzoek is gebleken dat Freeland Organics BV dezelfde biologische activiteiten zal uitvoeren als Freeland BV (deed), namelijk import en export van dezelfde producten. Daarnaast vinden de biologische activiteiten plaats op dezelfde locatie en is de bestuurder van Freeland Organics BV dezelfde als de bestuurder van Freeland BV. Dat betekent dat er in feite niets verandert, behalve de naam van het bedrijf van waaruit de biologische activiteiten plaatsvinden. Skal beschouwt de certificatie-aanvraag dan ook als een verzoek om naamswijziging van het bij Skal geregistreerde bedrijf.



Zodra de ICT storing bij Skal is opgelost, zal Skal deze aanvraag voor naamswijziging zo snel mogelijk in behandeling nemen.



Voor de goede orde laat ik weten dat, in het geval van een naamswijziging, het opschortingsbesluit van 24 februari 2022, ook geldt voor de BV met de gewijzigde naam.”


Tegen dit e-mailbericht van Skal heeft Freeland Organics bij e-mail van 14 april 2022 (pro forma) bezwaar gemaakt.
Bij e-mail van 25 april 2022 heeft Skal meegedeeld dat zij dit bezwaar als prematuur heeft aangemerkt en dat zij daarom het bezwaar zal aanhouden totdat er een beslissing is genomen op de certificatie-aanvraag van Freeland Organics.



3.10.
Op 28 april 2022 hebben partijen elkaar opnieuw telefonisch gesproken over de bezwaarschriften van Freeland. Naar aanleiding van dit gesprek heeft Skal dezelfde dag onder meer het volgende gemaild:

“Als de oprichting van Freeland Organics inderdaad onderdeel is van het plan van aanpak, dan is afzonderlijke certificatie-aanvraag voor Freeland Organics niet nodig. Skal zal die aanvraag dan ook 'on hold' zetten, net als het bezwaarschrift dat is ingediend tegen mijn

e-mail van 13 april 2022.”

Op dezelfde dag heeft Freeland B.V. een deel van haar vermogen (juridisch) afgesplitst en onder algemene titel overgedragen aan Freeland Organics.



3.11.
Bij e-mail van 13 mei 2022 heeft Freeland een (eerste) plan van aanpak en bijbehorende documentatie ingediend waaruit zou moeten blijken dat Freeland (Organics) aan de biologische regelgeving voldoet. Skal had bijna 40 opmerkingen over dit plan.
Op 10 juni 2022 hebben partijen het plan via Teams besproken, waarvan Skal op 15 juni 2022 per e-mail een terugkoppeling heeft gegeven.



3.12.
Op 12 oktober 2022 heeft Freeland een tweede/verbeterd plan van aanpak ingediend, dat gevolgd is door een inspectie van Skal op 9 november 2022.



3.13.
Bij e-mail van 15 december 2022 heeft Skal het plan van aanpak goedgekeurd en de opschorting van het bio-certificaat van Freeland B.V. beëindigd. Daarbij heeft zij ook het volgende meegedeeld:


“Eerder heeft u bij Skal een certificatie-aanvraag ingediend voor Freeland Organics BV. Anders dan we eerder lieten weten, zal Skal deze aanvraag alsnog in behandeling nemen. Dat betekent dat er zo snel mogelijk een Toelatingsonderzoek zal worden ingepland, naar verwachting medio januari 2023. U ontvangt hiervoor een afspraakverzoek van de afdeling Planning.”




3.14.
Op 22 december 2022 heeft Skal een toelatingsonderzoek bij Freeland Organics uitgevoerd, waarvan de bevindingen in een rapport van gelijke datum zijn neergelegd.



3.15.
Bij besluit van 4 januari 2023 heeft Skal aan Freeland Organics het bio-certificaat verleend (certificaatnummer 1813700).



3.16.
Bij e-mail van 9 januari 2023 heeft Freeland B.V. de registratie van haar bio-certificaat beëindigd.



3.17.
Op 10 januari 2023 zond Skal een e-mail met de volgende inhoud:


“Bij brief van 13 april 2022 heeft u namens Freeland BV te Emmen (Skalnummer 025572) bezwaar gemaakt tegen de beslissing van Skal van 24 februari 2022. Het bezwaar is gericht tegen brief van Skal van 24 februari 2022, waarin het bio-certificaat van Freeland BV per 24 februari 2022 is opgeschort voor alle scopes voor de duur van zes maanden. Het betreft een pro forma bezwaar. Daarnaast heeft de heer [naam 1] op 24 maart 2022 een certificatie-aanvraag ingediend voor Freeland Organics BV (Skalnummer 114431). Skal heeft deze aanvraag in eerste instantie opgevat als een verzoek om naamswijziging. Bij brief van 13 april 2022 liet u weten dat u(w client) het daar niet mee eens is.



Onlangs is Skal hierop teruggekomen en heeft zij op 22 december 2022 een toelatingsonderzoek uitgevoerd bij Freeland Organics BV. Op 4 januari 2023 is aan Freeland Organics BV een bio-certificaat verstrekt. Daarnaast is op 9 januari 2023 het bio-certificaat van Freeland BV op verzoek van de heer [naam 2] beëindigd.



Gezien deze omstandigheden, heeft Freeland BV – los van de vraag of bij het bezwaar tegen het opschortingsbesluit sprake is van een verschoonbare termijnoverschrijding – geen belang meer bij verdere afhandeling van uw brieven van 13 april 2022.



We gaan er dan ook vanuit dat deze brieven hiermee zijn afgehandeld.


We zullen overgaan tot sluiting van het dossier.”




3.18.
Bij brief van 22 februari 2023 heeft Freeland Organics meegedeeld dat zij voldoende aanknopingspunten ziet voor een verzoek tot schadevergoeding en dat zij hierover graag met Skal in gesprek wil.



3.19.
Bij brief van 13 juni 2023 heeft Skal iedere aansprakelijkheid afgewezen.



3.20.
Bij brief van 5 december 2023 heeft Freeland B.V. Skal aansprakelijk gesteld voor de gederfde winst tijdens het uienseizoen 2022, begroot op € 300.000.



3.21.
Bij brief van 8 januari 2024 heeft Skal Freeland verzocht om aan te geven welke vennootschap aanspraak maakt op schadevergoeding en waarom.



3.22.
Bij brief van 27 mei 2024 heeft Freeland (nader) toegelicht dat Skal tegenover haar onrechtmatig heeft gehandeld en dat de schade uiteindelijk bij Freeland Organics terecht is gekomen. Daarbij heeft Freeland de gestelde schade nader begroot op het bedrag van
€ 592.788.



3.23.
Bij brief van 15 juli 2024 heeft Skal hierop (afwijzend) gereageerd.





4Het geschil


4.1.
Freeland Organics vordert dat de rechtbank bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad:

Primair:

(1) Skal zal veroordelen tot betaling aan Freeland Organics van de schade die Freeland Organics heeft geleden als gevolg van het onrechtmatig handelen zijdens Skal, begroot op een bedrag van € 592.788, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 13 april 2022, althans vanaf 27 mei 2024, althans vanaf datum dagvaarding tot aan de dag der algehele voldoening;
(2) Skal zal veroordelen tot betaling aan Freeland Organics van de buitengerechtelijke incassokosten van € 4.738,94;


Subsidiair:

(3) voor recht zal verklaren dat Skal toerekenbaar onrechtmatig jegens Freeland Organics heeft gehandeld als gevolg waarvan zij is gehouden de door Freeland Organics geleden schade integraal te vergoeden, nader op te maken bij staat;
(4) Skal zal veroordelen tot betaling aan Freeland Organics van het bedrag van € 100.000 als voorschot op de schadevergoeding, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 13 april 2022, althans vanaf 27 mei 2024, althans vanaf datum dagvaarding tot aan de dag der algehele voldoening;

Primair en subsidiair:

(5) Skal zal veroordelen in de proceskosten.



4.2.
Aan haar vorderingen legt Freeland, samengevat, ten grondslag dat Skal tegenover haar onrechtmatig heeft gehandeld door (1) de timing van het opschortingsbesluit van 24 februari 2022 en (2) de daaraan gekoppelde diskwalificatie van de certificatie-aanvraag van Freeland Organics, in die zin dat Skal deze beschouwde als een aanvraag voor naamswijziging. Freeland stelt dat zij als gevolg hiervan het biologische hoogseizoen 2022 heeft moeten missen waardoor zij toen geen omzet heeft kunnen maken en schade heeft geleden. Ten aanzien van de timing van het opschortingsbesluit meent Freeland dat Skal dit besluit al in september 2021 had kunnen nemen en dat Skal dat ook van plan was maar dat zij door personeelstekort/capaciteitsproblemen het besluit pas in februari 2022 heeft genomen. Volgens Freeland is dit een omstandigheid die voor rekening en risico van Skal komt. Wat betreft de diskwalificatie van de certificatie-aanvraag stelt Freeland dat het besluit van Skal tot buiten behandeling laten van deze aanvraag en haar standpunt dat het opschortingsbesluit in het geval van een naamswijziging ook zou gelden voor Freeland Organics, onjuiste en daarmee onrechtmatige besluiten/standpunten zijn geweest.



4.3.
Skal voert als meest verstrekkend verweer dat Freeland B.V. in haar vorderingen niet-ontvankelijk is, omdat zij daarbij onvoldoende belang heeft. Daarnaast stelt Skal dat Freeland in haar vorderingen niet-ontvankelijk is, omdat het opschortingsbesluit formele rechtskracht heeft verkregen, en dat de vorderingen van Freeland op grond van artikel 32 lid 2 van het Skal-Reglement certificatie en toezicht zijn vervallen, althans verjaard. Voor zover Freeland in haar vorderingen kan worden ontvangen, stelt Skal dat Freeland niet aan haar waarheids- en volledigheidsplicht als bedoeld in artikel 21 Rv heeft voldaan. Voorts betwist Skal dat zij tegenover Freeland onrechtmatig heeft gehandeld. Vanwege het ontbreken van toerekenbare schade/causaal verband, het niet voldoen aan het relativiteitsvereiste en eigen schuld moeten de vorderingen van Freeland worden afgewezen. Tot slot betwist Skal ook de (omvang van de) schade. Skal concludeert tot niet-ontvankelijkheid van Freeland, dan wel tot afwijzing van de vorderingen van Freeland, met uitvoerbaar bij voorraad te verklaren veroordeling van Freeland in de kosten van deze procedure.



4.4.
Op de stellingen van partijen zal de rechtbank hierna ingaan, voor zover dat nodig is voor de beoordeling van het geschil.





5De beoordeling


Ten aanzien van Freeland B.V.



5.1.
De rechtbank is van oordeel dat Freeland B.V. in haar vorderingen tegen Skal niet-ontvankelijk is, omdat zij niet voldoet aan het vereiste van voldoende belang als bedoeld in artikel 3:303 BW. Blijkens het petitum van de dagvaarding is het uitsluitend Freeland Organics die voor zichzelf (primaire en subsidiaire) vorderingen tegen Skal heeft ingesteld. Freeland B.V. heeft geen vorderingen ingesteld. In dit verband heeft Freeland in haar brief van 27 mei 2024 en ter zitting toegelicht dat de gestelde (omzet)schade/winstderving uiteindelijk alleen bij Freeland Organics terecht is gekomen. Omdat Freeland B.V. bij de schadevordering van Freeland Organics slechts een afgeleid belang heeft, zal zij in haar vorderingen niet-ontvankelijk worden verklaard.


Ten aanzien van Freeland Organics




5.2.
Als meest verstrekkend verweer voert Skal dat de vorderingen van Freeland Organics op grond van artikel 32 lid 2 van het Skal-Reglement Certificatie en Toezicht (Skal-Reglement) zijn vervallen. Artikel 32 lid 1 van het Skal-Reglement, zoals dit geldt per 1 januari 2021 (en niet is gewijzigd in het Skal-Reglement zoals dat op 1 januari 2023 in werking is getreden), bepaalt dat Skal jegens de exploitant aansprakelijk is voor tekortkomingen in de uitvoering van haar werkzaamheden, voor zover deze het gevolg zijn van het niet in acht nemen door Skal van de zorgvuldigheid, deskundigheid en het vakmanschap waarop bij het uitvoeren van de werkzaamheden mag worden vertrouwd. Ingevolge het tweede lid dienen eventuele aanspraken van de exploitant binnen één jaar na het ontstaan van de schade te zijn ingediend, bij gebreke waarvan de exploitant zijn rechten heeft verwerkt. Skal stelt dat artikellid 2 een vervalbeding is en dat de daarin opgenomen vervaltermijn van één jaar niet kan worden gestuit. Uitgaande van de datum van het opschortingsbesluit (24 februari 2022) als beweerdelijk schadeveroorzakende gebeurtenis eindigde volgens Skal de vervaltermijn op 24 februari 2023. Als het begin van het biologische hoog- of oogstseizoen (juni 2022) als startpunt van het ontstaan van de beweerdelijke schade moet worden aangehouden, dan eindigde de vervaltermijn in juni 2023. Omdat Skal pas op 17 februari 2025 door Freeland Organics is gedagvaard, heeft Freeland Organics de vervaltermijn van een jaar niet in acht genomen. Ditzelfde geldt als tekortkomingen te vinden zouden zijn in het “besluit” van Skal van 13 april 2022 om de certificatie-aanvraag van Freeland Organics niet in behandeling te nemen en/of de stelling van Freeland Organics dat zij op 23 april 2022 over een bio-certificaat had kunnen beschikken. Ook voor die situaties geldt dat het recht van Freeland Organics om de door haar gestelde schade op Skal te verhalen is vervallen, aangezien Freeland Organics pas (bijna) twee jaar na het verstrijken van de vervaltermijn de onderhavige procedure is gestart, aldus Skal.



5.3.
Dit verweer van Skal treft geen doel. Daartoe overweegt de rechtbank als volgt.



5.4.
De rechtbank oordeelt dat de brief van Freeland Organics van 22 februari 2023 niet anders kan worden gelezen dan als een aanspraak op vergoeding van schade die Freeland Organics stelt te hebben geleden als gevolg van onrechtmatig handelen van Skal doordat Skal (1) het opschortingsbesluit niet al in september 2021 maar pas in februari 2022 heeft genomen en (2) de in maart 2022 ingediende certificatie-aanvraag van Freeland Organics lange tijd buiten behandeling heeft gelaten en daarop pas in januari 2023 een beslissing heeft genomen. Uit de tekst van artikel 32 lid 2 van het Skal-Reglement volgt niet dat de schadeaanspraak alleen door het instellen van een rechtsvordering geldend kan worden gemaakt maar biedt ook ruimte voor een buitengerechtelijke aansprakelijkheidsstelling. Nu Freeland Organics bij brief van 22 februari 2023 haar aanspraak op schadevergoeding binnen één jaar na het ontstaan van de beweerdelijke schadeveroorzakende gebeurtenissen (het opschortingsbesluit van 24 februari 2022 en het “besluit” van 13 april 2022 tot buiten behandeling laten van de certificatie-aanvraag) – en dus binnen de termijn als bedoeld in artikel 32 lid 2 van het Skal-Reglement – bij Skal heeft ingediend, is van rechtsverwerking aan de zijde van Freeland Organics geen sprake. Hieruit volgt dat het beroep van Skal op artikel 32 lid 2 van het Skal-Reglement faalt.



5.5.
Subsidiair betoogt Skal dat de vorderingen van Freeland Organics, gelet op dit beding, zijn verjaard. Dit betoog faalt ook. De tekst van artikel 32 lid 2 van het Skal-Reglement biedt daarvoor onvoldoende aanknopingspunten, aangezien expliciet over verwerking van rechten wordt gesproken (hetgeen eerder in de richting van een vervalbeding wijst) en in het beding op geen enkele wijze wordt gerefereerd aan verjaring. De rechtbank gaat er dus vanuit dat dit geen verjaringsbeding betreft en dat de wettelijke verjaringstermijn van vijf jaar uit artikel 3:310 lid 1 BW onverkort geldt. Die termijn is nog niet verstreken. Freeland Organics kan dus jegens Skal aanspraak maken op betaling van schadevergoeding.



5.6.
Freeland betwist het verweer van Skal dat het besluit van 24 februari 2022 formele rechtskracht heeft en dat daarom uitgegaan moet worden van de rechtmatigheid van dat besluit. Volgens Freeland vecht zij niet de rechtmatigheid van het besluit aan, maar de handelwijze van Skal voorafgaand aan het nemen van het besluit. Die bestaat uit het (nog) niet nemen van dat besluit, terwijl dat wel mogelijk was. Freeland doelt hiermee op de timing van het opschortingsbesluit en verwijst hierbij naar de brief van haar advocaat van 5 december 2023. De rechtbank overweegt dat zij niet in voldoende mate kan vaststellen dat het besluit onaantastbaar is. Het lijkt aannemelijk dat Freeland te laat bezwaar gemaakt, maar op de vraag of deze termijnoverschrijding verschoonbaar is heeft zij geen antwoord geven. Daarnaast heeft Skal nimmer een (formele) beslissing op het bezwaar genomen. Maar zelfs als het besluit onaantastbaar is en formele rechtskracht heeft kan dat Skal niet baten. Het uitgangspunt bij het bestaan daarvan moet zijn dat het besluit zowel wat de wijze van totstandkoming als wat de inhoud betreft in overeenstemming is met de toepasselijke voorschriften en met de algemene rechtsbeginselen. Nu voldoende vaststaat dat Freeland de door haar gestelde onrechtmatigheid niet grondt op de inhoud van het besluit, komt het standpunt van Freeland erop neer dat het door haar verweten handelen (of nalaten) van Skal voorafgaand aan het nemen van het besluit feitelijk handelen is dat niet te scharen valt onder de wijze van totstandkoming van het besluit. Dat heeft Skal niet weerlegd. De rechtbank komt tot de slotsom dat de eventuele formele rechtskracht van het besluit van 24 februari 2022 niet in de weg staat aan een beoordeling van de vraag of Skal door het niet nemen van het opschortingsbesluit vóór 24 februari 2022 onrechtmatig gehandeld heeft.


Toetsingskader




5.7.
Iedere exploitant (voorheen marktdeelnemer genoemd) die producten als 'biologisch' op de markt wil brengen/bewerken/vervoeren, zal zich moeten registreren bij Skal en moet voor de betreffende bedrijfsactiviteiten/’scopes’ een bio-certificering hebben. Per 1 januari 2022 is Verordening (EU) 2018/848 (met diverse uitvoeringsverordeningen) in werking getreden. Namens het bevoegd gezag houdt Skal toezicht op de naleving van de Nederlandse biologische regelgeving. Het Skal-Reglement maakt onderdeel uit van de totale regelgeving voor biologische productie en handel. Op basis van dit reglement is Skal onder meer bevoegd tot certificatie en opschorting/intrekking van de certificatie. Freeland is van mening dat Skal onrechtmatig gehandeld heeft bij het uitvoeren van haar taken op het vlak van die certificatie. Daaruit vloeit voort dat de rechtbank bij haar beoordeling niet alleen acht moet slaan op de criteria van artikel 6:162 BW, maar ook rekening moet houden met de positie die Skal heeft als uitvoerster van een overheidstaak. Hierna zal de rechtbank dan ook in het bijzonder aandacht besteden aan de verhouding tussen Freeland als exploitant en Skal als certificerende en controlerende autoriteit.


Onrechtmatige daad van Skal?




5.8.
Freeland Organics verwijt Skal dat zij (a) het opschortingsbesluit pas in februari 2022 heeft genomen en (b) de certificatie-aanvraag van Freeland Organics buiten behandeling heeft gelaten en het standpunt heeft ingenomen dat bij naamswijziging het opschortingsbesluit ook voor Freeland Organics zou gelden. De rechtbank zal deze beweerdelijk onrechtmatige handelingen van Skal apart bespreken.


Ad (a) de timing van het opschortingsbesluit




5.9.
Freeland Organics stelt dat Skal in september 2021 voornemens was het opschortingsbesluit te nemen maar dat zij dit besluit door personeelstekort pas op 22 februari 2022 heeft genomen. Volgens Freeland Organics kon zij door deze vertraging en de daaropvolgende schorsingsperiode van zes maanden niet meedraaien in het biologische hoog-/oogstseizoen 2022 waardoor zij omzetschade/winstderving heeft geleden.



5.10.
De rechtbank overweegt dat Skal als toezichthouder van de Nederlandse biologische markt op grond van de artikelen 23 en 24 van het Skal-Reglement bevoegd – en dus niet verplicht is – tot opschorting en intrekking van het bio-certificaat. Daarbij geldt dat Skal bij de uitoefening van deze handhavingsbevoegdheden een ruime beleidsvrijheid heeft en dat zij bij toepassing hiervan de Algemene wet bestuursrecht en de algemene beginselen van behoorlijk bestuur in acht moet nemen. Vanuit het oogpunt van proportionaliteit en subsidiariteit heeft Skal – middels de afwijkingenbrief van 14 september 2021 en de daarop volgende herinspecties op 30 september 2021 en 23 december 2021 – Freeland B.V. eerst in de gelegenheid gesteld om de geconstateerde tekortkomingen in haar bedrijfsvoering zo spoedig mogelijk op te lossen voordat opschorting of intrekking van het bio-certificaat als volgende stap in het handhavingstraject aan de orde is. Dat de bedrijfsvoering niet op orde was, heeft Freeland B.V. impliciet erkend. Uit het inspectierapport van 23 december 2021 blijkt bovendien dat Freeland B.V. op dat moment nog steeds niet (volledig) aan de biologische regelgeving voldeed. Zo had Freeland B.V. nog steeds geen concrete procedure ingevoerd om de import/verhandeling van het bio-product te borgen. Dit betreft een ernstige afwijking. Nadat Freeland B.V. een zienswijze had ingediend tegen het voornemen tot opschorting van haar bio-certificaat, heeft Skal het opschortingsbesluit genomen, waarvan Freeland B.V., ondanks haar bezwaar, het met de inhoud eens was.



5.11.
In het licht van deze feiten en omstandigheden, die door Freeland Organics niet zijn betwist, is de rechtbank van oordeel dat niet kan worden gezegd dat Skal haar opschortingsbevoegdheid heeft uitgeoefend op een wijze die als onrechtmatig moet worden aangemerkt. Daarbij is eveneens relevant dat, doordat Skal eerst in februari 2022 het opschortingsbesluit nam, zij Freeland B.V. in beginsel begunstigde omdat Freeland B.V. op deze wijze de gelegenheid kreeg om orde op zaken te stellen, terwijl zij nog tot het opschortingsbesluit gebruik kon blijven maken van het bio-certificaat. Verder is relevant dat Freeland B.V. zelf invloed had op de duur van de opschorting door zo spoedig mogelijk na het opschortingsbesluit een deugdelijk plan van aanpak in te dienen. Daarvan was evenwel pas medio oktober 2022 sprake, nadat de eerste versie van dat plan – die Freeland B.V. weliswaar tijdig heeft ingediend maar wel pas bijna drie maanden na het opschortingsbesluit – op een fors aantal wezenlijke punten door Skal als onvoldoende was beoordeeld. Nog los van het voorgaande merkt de rechtbank op dat zowel op het moment waarop het opschortingsbesluit had kunnen worden genomen (september 2021) als op het moment waarop dit besluit is genomen (februari 2022), Freeland Organics nog niet bestond, zodat ook in zoverre niet valt in te zien op welke wijze Skal met het opschortingsbesluit tegenover Freeland Organics onrechtmatig heeft gehandeld.


Ad (b) buiten behandeling laten certificatie-aanvraag




5.12.
Freeland Organics stelt dat Skal ten onrechte heeft besloten om haar certificatie-aanvraag buiten behandeling te laten. Als Skal de aanvraag conform haar eigen spoedprocedure direct had beoordeeld, dan was Freeland Organics op of omstreeks 24 april 2022 bio-gecertificeerd geweest en had zij vanaf het begin van het biologische hoog-/oogstseizoen 2022 kunnen meedraaien en omzet kunnen genereren. Omdat Skal pas eind 2022 op haar besluit is teruggekomen door de certificatie-aanvraag alsnog in behandeling te nemen en daardoor pas begin 2023 het bio-certificaat heeft verleend, heeft Freeland Organics het complete seizoen 2022 gemist en daardoor schade geleden.



5.13.
De rechtbank stelt op basis van de stukken en hetgeen ter zitting is besproken het volgende vast.


5.13.1.
Direct na haar oprichting heeft Freeland Organics op 24 maart 2022 een certificatie-aanvraag ingediend. Naar aanleiding van deze aanvraag heeft Skal gevraagd of de biologische activiteiten van Freeland B.V. volledig worden overgenomen door Freeland Organics. Partijen hebben elkaar hierover op 11 april 2022 telefonisch gesproken. Van dit gesprek heeft Skal een verslag gemaakt dat zij op 13 april 2022 aan Freeland heeft gemaild. In dit verslag is onder meer neergelegd dat [naam 1] jr. en/of sr. heeft uitgelegd dat “het oprichten van de nieuwe BV het herstelplan was”. Verder is in het verslag uiteengezet hoe Skal met de certificatie-aanvraag van Freeland Organics zal omgaan (zie 3.9) en heeft Skal – onder verwijzing naar het opschortingsbesluit – gewezen op het plan van aanpak waarin Freeland (kort gezegd) moet laten zien “dat ze begrijpt welke eisen de biologische regelgeving stelt, op welke wijze Freeland daaraan voldoet en blijft voldoen.”



5.13.2.
Vervolgens heeft Freeland op 14 april 2022 bezwaarschriften ingediend tegen het opschortingsbesluit en de hiervoor bedoelde e-mail van Skal van 13 april 2022. Over deze bezwaarschriften hebben partijen op 28 april 2022 telefonisch contact gehad. Op dezelfde dag heeft Skal via e-mail dit gesprek op (de voormalige advocaat van) Freeland teruggekoppeld (zie 3.10). Deze heeft direct gereageerd en onder meer aangegeven dat hij “uw uiteenzetting al naar cliënte [heeft] gestuurd en zij zal binnen afzienbare tijd een plan van aanpak aanleveren.”



5.13.3.
Op 13 mei 2022 heeft Freeland B.V. het (eerste) plan van aanpak ingediend. Skal heeft dit plan binnen de aangekondigde termijn van vier weken beoordeeld en kwam tot bijna 40 opmerkingen die onder meer betrekking hadden op de massabalans, de traceerbaarheid en de risicoanalyse. Op 10 juni 2022 hebben partijen de bevindingen van Skal online met elkaar besproken, waarvan Skal op 15 juni 2022 een terugkoppeling heeft gegeven.



5.13.4.
Naar aanleiding van gemelde bespreking heeft Freeland B.V. op 12 oktober 2022 het tweede/verbeterde plan van aanpak ingediend. Vervolgens heeft Skal op 9 november 2022 een inspectie bij Freeland verricht, waarna Skal op 15 december 2022 het plan van aanpak heeft goedgekeurd en de opschorting van het bio-certificaat van Freeland B.V. heeft beëindigd.



5.13.5.
Nadat Skal op 22 december 2022 bij Freeland Organics een toelatingsonderzoek had verricht, heeft Skal op 4 januari 2023 aan Freeland Organics het bio-certificaat verleend.




5.14.
De rechtbank overweegt dat partijen – naar aanleiding van de bezwaarschriften van Freeland – op 28 april 2022 procesafspraken hebben gemaakt die ertoe moesten leiden dat Freeland (Organics) aan de biologische regelgeving voldoet. Daarvoor was nodig dat Freeland B.V. een plan van aanpak zou indienen waarin zij aantoont dat haar bedrijfsvoering in overeenstemming is gebracht met de biologische regelgeving. In het plan van aanpak moest Freeland B.V. minimaal beschrijven (1) hoe zij ervoor gaat zorgen dat het bedrijf voldoende capaciteit en adequate kennis heeft ten aanzien van het uitvoeren en borgen van alle biologische activiteiten, het naleven van bijbehorende procedures en het tijdig aanleveren van de door Skal benodigde informatie en documentatie in overeenstemming met de biologische regelgeving en de Skal Reglementen, (2) hoe Freeland B.V. de procedure incidentenmanagement aanpast en verbetert, waardoor zij voldoet aan de regelgeving en borgt dat deze regelgeving wordt nageleefd en dat deze procedures inhoudelijk overeenstemmen met de van toepassing zijnde regelgeving en de informatie die Skal op basis daarvan op haar website geeft (ten aanzien van het doen van meldingen betreffende incidenten met biologische producten), (3) hoe Freeland B.V. de werkwijze/procedures en registraties om traceerbaarheid en de financiële administratie voldoende te borgen, in overeenstemming brengt met de biologische verordening en in staat is (ook in geval van onaangekondigde inspecties) massabalansen op te stellen, traceerbaarheid te kunnen ophelderen en te onderbouwen met passende bewijsstukken en
(4) de manier waarop Freeland B.V. ervoor zorgt dat de hiervoor bedoelde documenten beschikbaar zijn tijdens inspectie ter verificatie door de inspecteur en door een ter zake kundig medewerker kunnen worden toegelicht. Daarbij heeft Skal aangegeven dat zij het plan van aanpak binnen vier weken zal beoordelen en dat er drie mogelijkheden zijn: Skal beoordeelt het plan als voldoende, Skal beoordeelt het plan als onvoldoende of Freeland B.V. dient geen of niet tijdig een plan in. Uit de hiervoor in rov. 5.13 weergegeven handelingen en gedragingen van partijen kan hun bedoeling (lees: de procesafspraak) worden afgeleid dat de beslissing op de bezwaarschriften van Freeland en de certificatie-aanvraag van Freeland Organics zal worden aangehouden in afwachting van het plan van aanpak. Daarbij betrekt de rechtbank dat Freeland geen bestuursrechtelijke rechtsmiddelen heeft aangewend tegen het niet (tijdig) beslissen op haar bezwaarschriften en certificatie-aanvraag.



5.15.
Uit het plan van aanpak blijkt dat de oprichting van Freeland Organics onderdeel van dit plan uitmaakt. Het gevolg daarvan is dat, zonder dat dit onrechtmatig was, Skal geen beslissing op de certificatie-aanvraag van Freeland Organics behoefde te nemen zolang Freeland geen plan van aanpak had ingediend dat voldeed aan de biologische regelgeving. Dit kan ook uit de procesafspraken worden afgeleid, waarmee Freeland heeft ingestemd. Freeland diende dus het initiatief te nemen. Ook als Skal de certificatie-aanvraag van Freeland Organics wel (direct) in behandeling zou hebben genomen, dan zou dat niet tot een eerdere certificatie van Freeland Organics hebben geleid. Uit Skals beoordeling van het eerste plan van aanpak blijkt immers dat Freeland de interne bedrijfsprocessen nog lang niet op orde had. Dat was nog steeds niet het geval toen Freeland in oktober 2022 het tweede/verbeterde plan van aanpak had ingediend. Tijdens de inspectie op 9 november 2022 heeft Skal op het punt van de klachtenregistratie een nieuwe (lichte) afwijking geconstateerd. Ook tijdens het toelatingsonderzoek heeft Skal geconstateerd dat Freeland Organics de productregistratie nog niet had aangemeld via mijn.skal.nl en dat de importprocedure niet voldeed. Het inspectierapport van 22 december 2022 vermeldt onder ‘Geconstateerde afwijkingen’ : ‘In de procedure ontbreken de volgende punten: - Dat er een goedgekeurde product registratie moet zijn (handel onder eigen handelsnaam). - Wie de inklaringsagent gaat worden en hoe deze wordt geïnstrueerd’. Nadat deze punten door Freeland waren hersteld, heeft Skal aan Freeland Organics het bio-certificaat verleend, zonder daarbij de afwijkingenhistorie over te zetten van Freeland B.V. op Freeland Organics waardoor Freeland Organics met een schone lei kon beginnen en niet direct onder verscherpt toezicht van Skal kwam te staan.



5.16.
Tegen deze achtergrond kan niet worden gezegd dat de aanhouding van de beslissing op de certificatie-aanvraag van Freeland Organics door Skal onrechtmatig is geweest, maar dat Freeland (Organics) met de procesafspraken van 28 april 2022 daarmee juist heeft ingestemd. Dat Freeland Organics pas begin 2023 is gecertificeerd, komt vooral door de tijd die Freeland nodig had voor het opstellen van een deugdelijk plan van aanpak. Hiervan kan Skal evenwel geen verwijt worden gemaakt.


Conclusie




5.17.
De rechtbank komt tot de slotsom dat Freeland B.V. in haar vorderingen niet-ontvankelijk is en dat de vorderingen van Freeland Organics moeten worden afgewezen. Omdat niet is komen vast te staan dat Skal tegenover Freeland Organics onrechtmatig heeft gehandeld, komt de rechtbank niet toe aan bespreking van de overige vereisten voor aansprakelijkheid ex artikel 6:162 BW (toerekenbaarheid, schade, causaliteit en relativiteit) en het in dat verband gedane beroep van Skal op eigen schuld (artikel 6:101 BW). Evenmin is het noodzakelijk dat de rechtbank overwegingen wijdt aan het verweer van Skal dat Freeland haar verplichtingen uit artikel 21 Rv geschonden heeft.


Proceskosten




5.18.
Freeland is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van Skal worden begroot op:









- griffierecht





6.861,00







- salaris advocaat





7.446,00


(2 punten × € 3.723,00)




- nakosten





189,00


(plus de verhoging zoals vermeld in de beslissing)




Totaal





14.496,00











5.19.
De gevorderde wettelijke rente over de proceskosten wordt toegewezen zoals vermeld in de beslissing.





6De beslissing

De rechtbank


6.1.
verklaart Freeland B.V. in haar vorderingen niet-ontvankelijk;



6.2.
wijst de vorderingen van Freeland Organics af;



6.3.
veroordeelt Freeland hoofdelijk, in die zin dat als de één betaalt de ander zal zijn bevrijd, in de proceskosten van € 14.496,00, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met € 98,00 plus de kosten van betekening als Freeland niet tijdig aan de veroordeling voldoet en het vonnis daarna wordt betekend;



6.4.
veroordeelt Freeland hoofdelijk, in die zin dat als de één betaalt de ander zal zijn bevrijd, tot betaling van de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW over de proceskosten als deze niet binnen veertien dagen na aanschrijving zijn betaald;



6.5.
verklaart 6.3 en 6.4 uitvoerbaar bij voorraad.

Dit vonnis is gewezen door mrs. C.A. de Beaufort, G.W.G. Wijnands en R. Rijnhout en in het openbaar uitgesproken op 11 februari 2026. (PvdS)



Artikel 22 van het Skal-Reglement Certificatie en Toezicht maakt onderscheid, afhankelijk van de aard en ernst van de afwijking, tussen een lichte, een ernstige en een kritieke afwijking.


Dit artikel bepaalt dat zonder voldoende belang niemand een rechtsvordering toekomt ('geen belang, geen actie').


Zie productie 14 bij dagvaarding.


Voluit: Verordening (EU) 2018/848 van het Europees Parlement en de Raad van 30 mei 2018 inzake de biologische productie en de etikettering van biologische producten en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 834/2007 van de Raad.


Zie de artikelen 11 t/m 15, 23 en 24 van het Skal-Reglement.


Een dergelijke brief moet volgens het College van Beroep voor het bedrijfsleven (CBb) als een (voor bezwaar en beroep vatbare) waarschuwing worden gezien. Vgl. CBb 1 juni 2021, ECLI:NL:CBB:2021:515.


Zie onder meer haar e-mail van 4 oktober 2021: “Hartelijk dank voor uw bezoek vorige week. Het gaf ons meer duidelijkheid en bewustwording van de werkwijzen die de SKAL erop na houdt. We realiseren ons ook dat er een cultuur is ontstaan in al die jaren onder het mom van: “Donna regelt het wel” terwijl de rest van het bedrijf helemaal niet met de details en werkwijzen van de SKAL bezig was.” Voorts heeft Freeland in randnummer 6 van haar pleitnota onder meer verklaard: “Niet wordt beoogd de inhoud van dit opschortingsbesluit aan te tasten.”


Dit blijkt uit de e-mail van Freeland van 1 juni 2022: “Het is terecht dat we geschorst zijn laat daar geen twijfel over bestaan (…)”. Ook blijkt dit uit randnummer 6 van haar pleitnota (zie voetnoot 5).


Zie blz. 8 en 9 van het opschortingsbesluit.
Link naar deze uitspraak