Inloggen 
 

 Registreren
 Wachtwoord vergeten?


Terug naar het beginscherm

 
 
 
Neem contact op met de Agro-advieslijn:
0570-657417 (Houtsma Bedrijfsadvies)
ECLI:NL:CBB:2026:386 
 
Datum uitspraak:23-07-2026
Datum gepubliceerd:24-08-2026
Instantie:College van Beroep voor het bedrijfsleven
Zaaknummers:25/809
Rechtsgebied:Bestuursrecht
Indicatie:Subsidie voor de installatie van een warmtepomp afgewezen. De aanvrager voldoet niet aan de definitie van eigenaar-bewoner als bedoeld in de Regeling en heeft daarom geen recht op de aangevraagde subsidie.
Trefwoorden:lnv-subsidies
subsidies
Wetreferenties:Regeling nationale EZ-, LVVN- en KGG-subsidies
 
Uitspraak
proces-verbaal uitspraak













COLLEGE VAN BEROEP VOOR HET BEDRIJFSLEVEN

zaaknummer: 25/809


proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer van 23 juli 2026


Voorzitter: mr. B. Bastein

Griffier: A.T.C. Verhoeve



Partijen




[naam] , te [woonplaats] (Duitsland)

en



de minister van Klimaat en Groene Groei, vertegenwoordigd door mr. M. Zweers.



Beslissing

Het College verklaart het beroep ongegrond.



Overwegingen

1. De minister heeft de aanvraag van [naam] voor subsidie voor de installatie van een warmtepop terecht afgewezen.

2. Het gaat om een investeringssubsidie duurzame energie en energiebesparing (ISDE) op grond van titel 4.5 van de Regeling nationale EZK-en LNV-subsidies (Regeling). In artikel 4.5.2, tweede lid, van de Regeling is, voor zover hier van belang, bepaald dat de subsidie wordt verstrekt aan een eigenaar-bewoner. In de begripsomschrijving in artikel 4.5.1 van de Regeling is, voor zover hier van belang, bepaald dat onder eigenaar-bewoner wordt verstaan een natuurlijk persoon die een woning in de gemeente waar de hiervoor bedoelde persoon ingeschreven staat in eigendom heeft waarin hij zijn hoofdverblijf heeft.

3. [naam] woont en werkt in Duitsland en staat daar ook ingeschreven. Zij verblijft naar eigen zeggen het grootste gedeelte van het jaar niet in Nederland. De woning waarin de warmtepomp is geplaatst, is dus niet de woning waarin zij haar hoofdverblijf heeft. Zij voldoet dus niet aan de definitie van eigenaar-bewoner als bedoeld in de Regeling en heeft daarom geen recht op de aangevraagde subsidie.






4. Verder is niet gebleken van bijzondere omstandigheden die maken dat toepassing van de Regeling zozeer in strijd komt met het evenredigheidsbeginsel dat die toepassing achterwege moet blijven.



B. Bastein De griffier is verhinderd deze uitspraak mede te ondertekenen.
Link naar deze uitspraak