|
|
|
| ECLI:NL:RBAMS:2026:7792 | | | | | Datum uitspraak | : | 31-07-2026 | | Datum gepubliceerd | : | 31-07-2026 | | Instantie | : | Rechtbank Amsterdam | | Zaaknummers | : | C/13/789385 / KG ZA 26-51 | | Rechtsgebied | : | Civiel recht | | Indicatie | : | No Art festival spande een kort geding aan bij de civiele voorzieningenrechter van de rechtbank Amsterdam over de organisatie van een festival in 2027 op festivallocatie Westzijde Sloterpark. De voorzieningenrechter oordeelt dat de gemeente exclusieve afspraken tussen de huurder van een deel van het terrein en festivalorganisatoren Loveland en Mystic Garden niet kan verbieden vanwege contractvrijheid. | | Trefwoorden | : | burgerlijk wetboek | | | huurovereenkomst | | | wettelijke rente | | | | Uitspraak | RECHTBANK Amsterdam
Civiel recht, voorzieningenrechter
Zaaknummer: C/13/789385 / KG ZA 26-516 MdV/JT
Vonnis in kort geding van 31 juli 2026
in de zaak van
NO ART FESTIVAL B.V.,
te Amsterdam,
eisende partij bij eensluidende dagvaardingen van 8 juli 2026,
hierna te noemen: No Art,
advocaat: mr. R.G. Meester,
tegen
1GEMEENTE AMSTERDAM,
te Amsterdam,hierna te noemen: de Gemeente,
advocaten: mr. K.M.G. Verkleij en mr. L.G.H. Wichern,2. OPTISPORT AMSTERDAM B.V.,
te Amsterdam,hierna te noemen: Optisport,
advocaten: mr. T.A. Scheffer-Terlien en mr. S.M.E. Cairo,3. LOVELAND FESTIVAL B.V.,
te Amsterdam,
advocaten: mr. L.W. Tellegen en mr. A.I. Tsheichvili,4. LOVELAND EVENTS B.V.,
te Amsterdam,hierna samen met gedaagde sub 3 te noemen: Loveland,
advocaten: mr. L.W. Tellegen en mr. A.I. Tsheichvili,5. FAUL PRODUCTIONS B.V.,
te Zaandam,hierna te noemen: Mystic Garden,
advocaten: mr. G.M.E. de Vries en mr. L.P.W. Mensink,
gedaagde partijen,
hierna samen te noemen: de Gemeente c.s.
1De procedure
1.1.
Tijdens de mondelinge behandeling op 20 juli 2026 heeft No Art de vorderingen zoals omschreven in de dagvaarding toegelicht. De Gemeente c.s. hebben, mede aan de hand van op voorhand ingediende conclusies van antwoord, ieder afzonderlijk verweer gevoerd. No Art, de Gemeente en Loveland hebben producties ingediend. Alle partijen, met uitzondering van Mystic Garden, hebben een pleitnota ingediend. Vonnis is bepaald op vandaag.
1.2.
Bij de mondelinge behandeling waren aanwezig:
- aan de kant van No Art: [naam 1] , [naam 2] en [naam 3] , met mr. Meester;
- aan de kant van de Gemeente: [naam 4] en [naam 5] , met mr. Verkleij en mr. Wichern;- aan de kant van Optisport: [naam 6] en [naam 7] , met mr. Scheffer-Terlien en mr. Cairo;- aan de kant van Loveland: [naam 8] , met mr. Tellegen en mr. Tsheichvili;- aan de kant van Mystic Garden: [naam 9] , met mr. De Vries.
2De feiten
2.1.
No Art, Loveland en Mystic Garden houden zich bezig met het organiseren van (meerdaagse, grootschalige) festivals.
2.2.
Voor het organiseren van een evenement, zoals een festival, in Amsterdam is een vergunning nodig. Het huidige (in 2025 vernieuwde) beleid daarvoor staat in het “Evenementenbeleid 2026”. Kort gezegd komt dit erop neer dat voor een evenement met meer dan 1500 bezoekers alleen een vergunning kan worden verkregen als het is geplaatst op de “Evenementenkalender”. De Gemeente stelt die kalender vast op basis van de “Nadere Regels Evenementenkalender Amsterdam 2025”.
2.3.
Evenementen kunnen worden georganiseerd op daarvoor aangewezen locaties. De eisen die (in elk geval voor het jaar 2027) aan de locaties worden gesteld, staan in de “Locatieprofielen voor evenementen in 2027”. De eisen betreffen onder andere het maximum aantal bezoekers, het aantal dagen dat een evenement mag duren en geluidsnormen.
2.4.
Een van de aangewezen locaties is Westzijde Sloterpark, een park waarin onder meer een zwembad staat. Die locatie bestaat uit twee gedeelten: het A-terrein (het parkgedeelte inclusief een klein deel van het zwembadterrein) en het B-terrein (de rest van het zwembadterrein). Volgens de Locatieprofielen passen op het A-terrein maximaal 23.760 bezoekers en op het A- en B-terrein samen 25.000. Op de locatie mogen jaarlijks maximaal twee tweedaagse evenementen worden gehouden voor meer dan 20.000 bezoekers.
2.5.
Het zwembadterrein, met parkeerterrein, wordt sinds 2010 verhuurd aan en (sinds 2001) geëxploiteerd door Optisport. In het locatieprofiel voor Westzijde Sloterpark staat dat voor gebruik van het zwembadterrein huur moet worden betaald aan de exploitant van het zwembad (Optisport dus).
2.6.
Loveland organiseert sinds 2005 jaarlijks een festival op Westzijde Sloterpark. Zij heeft in 2012 of 2014 een onderhuurovereenkomst gesloten met Optisport, die in 2025 is vernieuwd. Volgens deze overeenkomst heeft Loveland het exclusieve recht om het terrein van Optisport te gebruiken. Met toestemming van Loveland heeft ook Mystic Garden in 2025 een onderhuurovereenkomst gesloten met Optisport. Ook Mystic Garden organiseert een jaarlijks festival op het terrein.
2.7.
No Art organiseerde haar jaarlijkse festival tot dit jaar in het Flevopark. Voor die locatie geldt dat in 2027 minder bezoekers en minder podia zijn toegestaan dan voorheen. No Art is daarom op zoek gegaan naar een alternatieve locatie. No Art heeft op 22 april 2026 bij de Gemeente een aanvraag gedaan om voor drie jaar op de Evenementenkalender te worden geplaatst, voor een tweedaags festival met maximaal 25.000 bezoekers. Als voorkeurslocatie heeft zij Westzijde Sloterpark opgegeven. Als tweede keus vermeldde zij Sportpark Voorland en als derde keus N1.
2.8.
Het Stedelijk Evenementenbureau (SEB), het onderdeel van de Gemeente dat de aanvragen in ontvangst neemt, heeft laten weten dat de tweede en derde keuzes buiten beschouwing worden gelaten, omdat die locaties in andere bezoekerscategorieën vallen. Verder heeft het SEB aan No Art tot 29 mei 2026 gelegenheid gegeven om een verklaring over te leggen dat Optisport toestemming gaf voor gebruik van het zwembadterrein. Als die verklaring niet op tijd zou komen, zou de aanvraag buiten behandeling worden gesteld. No Art heeft geen toestemming van Optisport verkregen.
2.9.
Het SEB heeft de aanvraag van No Art toch in behandeling genomen, en deze beschouwd als een aanvraag voor het organiseren van een evenement op het A-terrein van locatie Westzijde Sloterplas, voor maximaal 23.760 bezoekers.
2.10.
Omdat ook Loveland en Mystic Garden een aanvraag hebben gedaan voor plaatsing op de Evenementenkalender voor drie jaar voor een tweedaags festival op Westzijde Sloterpark, heeft de Gemeente de “Verdelingsprocedure” in gang gezet. De Verdelingsprocedure is voorzien in de Nadere Regels Evenementenkalender Amsterdam 2025 en houdt kort gezegd in dat als er meer aanvragen zijn dan er vergunningen kunnen worden verleend, een adviescommissie advies uitbrengt over de rangorde van de aanvragen. Dat advies moet, voor evenementen die in het jaar 2027 plaatsvinden, uiterlijk 1 september 2026 zijn gegeven. Aan de hand van dat advies worden dan evenementen wel of niet op de Evenementenkalender geplaatst. Na die plaatsing start vervolgens de vergunningprocedure, want de enkele plaatsing op de kalender betekent nog geen vergunning.
3Het geschil
3.1.
No Art vordert om bij uitvoerbaar bij voorraad verklaard vonnis:
jegens de Gemeente:
I. primair, de Gemeente te gebieden om, binnen 24 uur na betekening van dit vonnis, het verzoek van No Art tot plaatsing op de Evenementenkalender 2027 - voor een evenement van 25.000 bezoekers op het gehele locatieprofiel Westzijde Sloterpark (deel A en deel B) – ongewijzigd en onverkort ontvankelijk te verklaren en in behandeling te nemen, onder het verbod dit verzoek buiten behandeling te stellen wegens het ontbreken van een toestemmingsverklaring van Optisport zolang de exclusiviteitsafspraken als (voorlopig) onrechtmatig worden aangemerkt;
althans, subsidiair, de Gemeente te gebieden om, binnen 24 uur na betekening van dit vonnis, het verzoek van No Art tot plaatsing op de Evenementenkalender 2027 - voor een ingeperkt evenement op een gedeelte van locatieprofiel Westzijde Sloterpark (zijnde deel A) - onverkort ontvankelijk te verklaren en in behandeling te nemen, zolang de exclusiviteitsafspraken als (voorlopig) onrechtmatig worden aangemerkt;
II. de Gemeente te gebieden om, binnen 48 uur na betekening van dit vonnis, Optisport als beheerder van gemeentelijk eigendom schriftelijk aan te schrijven:
- jegens No Art geen beroep te doen op de exclusieve afspraken met Loveland en/of Mystic Garden;
- aan No Art een non-exclusieve toestemming of intentieverklaring te verstrekken voor gebruik van het terrein (Sloterparkbad, [adres] ), onder de opschortende voorwaarde dat No Art de daarvoor vereiste evenementenvergunning en overige publiekrechtelijke toestemmingen verkrijgt;
- geen verdere uitvoering te geven aan exclusieve ingebruikgeving of verhuur van het terrein aan Loveland, Mystic Garden of enige andere individuele derde, zolang geen transparante, objectieve en non-discriminatoire verdelingsprocedure heeft plaatsgevonden;
III. de Gemeente te gebieden om, voor zover zij aan Optisport uitdrukkelijk of stilzwijgend toestemming heeft verleend voor de exclusieve onderverhuur of ingebruikgeving aan Loveland en/of Mystic Garden, deze toestemming onmiddellijk in te trekken en Optisport te verbieden dergelijke exclusieve rechten in de toekomst te vestigen zonder voorafgaande transparante procedure;
IV. de Gemeente te veroordelen tot betaling van een dwangsom van € 50.000 per dag (met een maximum van € 1.000.000) voor iedere dag of deel van een dag dat zij in gebreke blijft één of meer van de hiervoor genoemde geboden na te komen;
jegens Optisport:
V. Optisport te gebieden om, binnen 24 uur na betekening van dit vonnis, aan No Art een schriftelijke (voorwaardelijke) non-exclusieve toestemming of intentieverklaring te verstrekken voor gebruik van het zwembadterrein (Sloterparkbad, [adres] ), onder de opschortende voorwaarde dat No Art de vereiste evenementenvergunning van de Gemeente verkrijgt;
VI. Optisport te verbieden de exclusieve afspraken met Loveland en/of Mystic Garden aan No Art tegen te werpen, zolang geen transparante, objectieve en non-discriminatoire verdelingsprocedure voor het gebruik van het terrein heeft plaatsgevonden, alsmede Optisport te gebieden mee te werken aan een carve-out in de overeenkomsten met Loveland en/of Mystic Garden inhoudende dat de exclusiviteitsbepalingen niet gelden voor No Art dan wel voor gegadigden die via een transparante gemeentelijke verdelingsprocedure voor gebruik van het terrein in aanmerking kunnen komen;
VII. Optisport te gebieden om, binnen 5 werkdagen na betekening van dit vonnis, afschriften te verstrekken van de afgesloten overeenkomsten met Loveland en Mystic Garden;
VIII. Optisport te veroordelen tot betaling van een dwangsom van € 25.000 per dag (met een maximum van € 500.000) voor iedere dag of deel van een dag dat zij in gebreke blijft één of meer van de hiervoor genoemde geboden na te komen;
jegens Loveland en Mystic Garden:
IX. Loveland te gebieden om, binnen 24 uur na betekening van dit vonnis, schriftelijk te bevestigen:
- geen beroep te zullen doen op exclusieve rechten uit de overeenkomst met Optisport voor zover die ertoe leiden dat No Art wordt uitgesloten van mededinging naar het festivalterrein Westzijde Sloterpark;
- Optisport op geen enkele wijze te zullen hinderen of beletten om aan No Art een non-exclusieve toestemmingsverklaring te verstrekken;
X. Mystic Garden te gebieden om, binnen 24 uur na betekening van dit vonnis, schriftelijk te bevestigen:
- geen beroep te zullen doen op exclusieve rechten uit de overeenkomst met Optisport voor zover die ertoe leiden dat No Art wordt uitgesloten van mededinging naar het festivalterrein Westzijde Sloterpark;
− Optisport op geen enkele wijze te zullen verhinderen om aan No Art een non-exclusieve
toestemmingsverklaring te verstrekken;
XI. Loveland en Mystic Garden (elk afzonderlijk) te veroordelen tot betaling van een dwangsom van € 25.000 per dag (met een maximum van € 500.000) voor iedere dag of deel van een dag dat zij in gebreke blijven de hiervoor genoemde geboden na te komen;
jegens de Gemeente c.s.:
XII. de Gemeente c.s. hoofdelijk te veroordelen in de proceskosten, waaronder de nakosten, een en ander te vermeerderen met de wettelijke rente.
3.2.
No Art stelt daartoe – samengevat – het volgende. Locatie Westzijde Sloterpark is voor No Art de enige realistische optie om in 2027 en daarna haar jaarlijkse festival te houden. Een vergunning daarvoor is alleen te krijgen als het festival op de Evenementenkalender staat, waar men alleen op kan komen als Optisport toestemming heeft gegeven voor gebruik van het zwembadterrein. Die toestemming komt er niet omdat Optisport exclusieve afspraken heeft gemaakt met Loveland en Mystic Garden. Die afspraken zijn nietig/vernietigbaar, want ze leiden ertoe dat andere gegadigden voor gebruik van het terrein bij voorbaat zijn uitgesloten. Daardoor worden de schaarse vergunningen voor het organiseren van festivals (althans, voor een festival op Westzijde Sloterpark) niet eerlijk verdeeld. De Gemeente had als grondeigenaar haar huurder Optisport niet mogen toestaan dergelijke exclusieve afspraken te maken. De Gemeente heeft daardoor gehandeld in strijd met alle regels die gelden voor de verdeling van schaarse grond en vergunningen. De Gemeente is alsnog verplicht om Optisport te verbieden exclusieve afspraken te maken of die na te komen en de gemeente moet daarom ingrijpen. Optisport handelt onrechtmatig door te weigeren aan No Art de benodigde toestemming te geven voor gebruik van het zwembadterrein. Zij bepaalt daarmee feitelijk wie in aanmerking komt voor de schaarse vergunningen en daarom dient zij zich te houden aan dezelfde regels als die voor de Gemeente gelden: de regels die zorgen voor een gelijk speelveld en eerlijke verdeling. Loveland en Mystic Garden, ten slotte, profiteren van het onrechtmatige handelen van Optisport. Zij zijn aansprakelijk jegens No Art nu hun exclusiviteitsafspraken de publiekrechtelijke verdelingsprocedure doorkruisen en No Art daadwerkelijk uitsluiten. Ingrijpen door de kort gedingrechter is nodig om No Art alsnog in staat te stellen deel te nemen aan het verdelingsproces waarvoor No Art zich rechtmatig heeft aangemeld en waartoe zij materieel volledig gerechtigd is.
3.3.
De Gemeente c.s. voeren ieder afzonderlijk verweer. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, (nader) ingegaan.
4De beoordeling
De vorderingen tegen de Gemeente
4.1.
Vordering I (zowel primair als subsidiair) gaat uit van de onjuiste veronderstelling dat de aanvraag van No Art, om op de Evenementenkalender te worden geplaatst, niet ontvankelijk is verklaard of buiten behandeling is gesteld. Dat is niet het geval, want de Gemeente heeft de aanvraag van No Art, samen met die van Loveland en die van Mystic Garden, in de Verdelingsprocedure opgenomen.
4.2.
Als de aanvraag van No Art in de Verdelingsprocedure alsnog niet ontvankelijk wordt verklaard, buiten behandeling wordt gesteld of wordt afgewezen, staat voor No Art een met voldoende waarborgen omklede bestuursrechtelijke rechtsgang open, zo nodig ook in de vorm van een voorlopige voorziening. De civiele rechter is op dit punt daarom in beginsel niet bevoegd en in dit stadium van de besluitvorming zeker niet.
4.3.
Vorderingen II en III houden kort gezegd in dat de Gemeente moet ingrijpen in het huurcontract met Optisport, door Optisport te verbieden exclusiviteitsafspraken te maken of die na te komen. Ook wil No Art dat de Gemeente Optisport opdraagt om aan No Art toestemming te geven voor gebruik van het zwembadterrein. Het huurcontract met Optisport geeft deze bevoegdheden echter niet aan de Gemeente. No Art betoogt, zo begrijpt de voorzieningenrechter, dat dat ten onrechte is. Volgens haar had de Gemeente moeten voorkomen dat Optisport bevoegd zou zijn tot onderverhuur en daarover exclusieve afspraken met derden zou kunnen maken, en moet de Gemeente de gevolgen repareren van het feit dat zij dit niet heeft gedaan. No Art baseert zich hier voornamelijk op de “Didam-regels”, die bepalen dat overheidsorganen bij het aangaan en uitvoeren van privaatrechtelijke overeenkomsten de algemene beginselen van behoorlijk bestuur, in het bijzonder het gelijkheidsbeginsel, in acht moeten nemen.
4.4.
De “Didam-regels” zijn echter in de jurisprudentie ontwikkeld lang nadat het huurcontract werd gesloten. Voor zover het in strijd zou zijn met de “Didam-regels” om in een huurcontract tussen de Gemeente en een private huurder van gemeentegrond ongeclausuleerd op te nemen dat de huurder de grond mag onderverhuren, leidt dat (zie “Didam-II”) niet tot nietigheid of vernietigbaarheid van het reeds bestaande huurcontract. Dat blijft gewoon geldig en de Gemeente zal zich er ten opzichte van Optisport aan moeten houden. Voor zover No Art stelt dat bij elke verlenging van de huurovereenkomst een nieuwe afweging had moeten worden gemaakt, heeft zij nagelaten toe te lichten op grond waarvan de Gemeente tegenover Optisport gerechtigd zou zijn geweest om bij de verlenging van een overigens gelijkblijvend contract nieuwe/nadere regels te stellen en bijvoorbeeld onderhuur ineens te verbieden.
4.5.
Het voorgaande betekent dat de Gemeente geen bevoegdheid heeft om in te grijpen in het contract met Optisport. Zij kan Optisport niet verbieden om exclusieve afspraken te maken en zij kan Optisport ook niet dicteren met welke partijen Optisport een onderhuurovereenkomst moet aangaan.
4.6.
No Art heeft ook gesteld dat de overeenkomst tussen de Gemeente en Optisport nietig is wegens strijd met de Dienstenrichtlijn, openbare orde of goede zeden, de APV, Nadere Regels, mededingingsregels of verboden staatssteun. Deze stellingen zijn zeer uitgebreid en overtuigend weersproken door de Gemeente c.s. en No Art heeft daar vrijwel niets meer tegenover gezet. Deze stellingen worden dan ook als betwist en niet nader onderbouwd terzijde geschoven. De conclusie is dat alle vorderingen tegen de Gemeente stranden.
De vorderingen tegen Optisport
4.7.
De vorderingen tegen Optisport houden kort gezegd in dat zij aan No Art toestemming moet geven voor gebruik van het zwembadterrein en dat zij de exclusieve afspraken met Loveland en Mystic Garden niet mag (laten) tegenwerpen aan No Art.
4.8.
Deze vorderingen zijn in de kern gebaseerd op de stelling dat Optisport “de verlengde arm van de Gemeente” is. Volgens No Art moet Optisport zich houden aan de algemene beginselen van behoorlijk bestuur, waaronder met name het gelijkheidsbeginsel. Hiermee miskent No Art dat Optisport geen bestuursorgaan is in de zin van de Algemene wet bestuursrecht. Zij is niet met enig openbaar gezag bekleed. Optisport exploiteert een zwembad, en oefent geen overheidstaak uit. Het enkele feit dat (een deel van) haar terrein is aangewezen als mogelijke evenementenlocatie, maakt dat niet anders. Daarmee is Optisport niet de instantie geworden die vergunningen toekent; dat is nog steeds de Gemeente. Ook het feit dat Optisport kan bepalen of zij al dan niet toestemming geeft om haar terrein te gebruiken, maakt haar niet tot de vergunningverlenende instantie of anderszins belast met een overheidstaak.
4.9.
Als private onderneming heeft Optisport contractsvrijheid. Die is zij niet kwijtgeraakt toen haar terrein werd aangewezen als mogelijke festivallocatie. Optisport mag, nu het huurcontract met de Gemeente dat toelaat, (ook exclusieve) afspraken maken met derden over het gebruik van haar terrein. Daarbij is Optisport, zoals zij terecht aanvoert, niet verplicht aan wie dan ook toestemming te geven voor gebruik van haar terrein. Ook zonder de door No Art gewraakte exclusiviteitsafspraken met Loveland en Mystic Garden, zou Optisport niet gedwongen kunnen worden om No Art op haar terrein toe te laten. Dat zou in strijd zijn met de contractsvrijheid. Bovendien heeft Optisport er terecht aandacht voor gevraagd dat haar toestemming ook afhankelijk zou zijn van onder andere haar vergoeding, de datum van het evenement en de afspraken over zaken als aansprakelijkheden en schoonmaak. Slotsom is dat ook de vorderingen tegen Optisport niet toewijsbaar zijn.
4.10.
No Art vordert ook nog dat Optisport afschriften verstrekt van haar overeenkomsten met Loveland en Mystic Garden. Deze vordering is evenmin toewijsbaar, alleen al omdat No Art niet heeft toegelicht welk belang zij heeft bij die afschriften, zeker nu zij al weet dat in de overeenkomsten exclusiviteit is afgesproken.
De vorderingen tegen Loveland en Mystic Garden
4.11.
De vorderingen tegen Loveland en Mystic Garden borduren voort op de stelling van No Art dat het aangaan van exclusiviteitsafspraken door Optisport onrechtmatig is. Nu die stelling in het hiervoor overwogene is verworpen, kunnen ook de vorderingen tegen Loveland en Mystic Garden niet worden toegewezen.
Belangenafweging
4.12.
Een afweging van de wederzijdse belangen kan de uitkomst niet anders maken. Het is evident dat het voor No Art een strop is als zij in 2027 geen festival zou kunnen organiseren. Dat haar festival op de gewenste locatie niet doorgaat, staat echter niet vast. No Art dingt immers mee in de lopende Verdelingsprocedure. Maar ook als dat nu al wel vast zou staan, geldt dat er maar twee tweedaagse festivals op deze locatie kunnen worden gehouden en dat de andere twee organisatoren, Loveland en Mystic Garden, net zoveel belang hebben bij het doorgaan van hun festival als No Art bij het hare. Aan het belang van No Art komt niet méér gewicht toe.
Proceskosten
4.13.
No Art is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van de Gemeente, Optisport, Loveland en Mystic Garden worden voor ieder afzonderlijk begroot op:
- griffierecht
€
735,00
- salaris advocaat
€
1.177,00
- nakosten
€
189,00
(plus de verhoging zoals vermeld in de beslissing)
Totaal
€
2.101,00.
4.14.
De door Optisport, Loveland en Mystic Garden gevorderde wettelijke rente over de proceskosten wordt toegewezen zoals vermeld in de beslissing.
5De beslissing
De voorzieningenrechter
5.1.
weigert de gevraagde voorzieningen,
5.2.
veroordeelt No Art in de proceskosten van de Gemeente van € 2.101,00, te vermeerderen met € 98,00 plus de kosten van betekening indien dit vonnis wordt betekend,
5.3.
veroordeelt No Art in de proceskosten van Optisport van € 2.101,00, te vermeerderen met € 98,00 plus de kosten van betekening indien dit vonnis wordt betekend,
5.4.
veroordeelt No Art tot betaling van de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 Burgerlijk Wetboek (BW) over de proceskosten van Optisport als deze niet binnen veertien dagen na aanschrijving zijn betaald,
5.5.
veroordeelt No Art in de proceskosten van Loveland van € 2.101,00, te vermeerderen met € 98,00 plus de kosten van betekening indien dit vonnis wordt betekend,
5.6.
veroordeelt No Art tot betaling van de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW over de proceskosten van Loveland als deze niet binnen veertien dagen na aanschrijving zijn betaald,
5.7.
veroordeelt No Art in de proceskosten van Mystic Garden van € 2.101,00, te vermeerderen met € 98,00 plus de kosten van betekening indien dit vonnis wordt betekend,
5.8.
veroordeelt No Art tot betaling van de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW over de proceskosten van Mystic Garden als deze niet binnen veertien dagen na aanschrijving zijn betaald,
5.9.
verklaart de proceskostenveroordelingen uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. W.M. de Vries, voorzieningenrechter, bijgestaan door mr. J.E. Tiddens, griffier, en in het openbaar uitgesproken op 31 juli 2026.
type: MdV coll: JT | Link naar deze uitspraak
|
| | |
|
|