|
|
|
| ECLI:NL:RBZWB:2026:1231 | | | | | Datum uitspraak | : | 26-02-2026 | | Datum gepubliceerd | : | 12-03-2026 | | Instantie | : | Rechtbank Zeeland-West-Brabant | | Zaaknummers | : | BRE 25/5483 Wajong | | Rechtsgebied | : | Socialezekerheidsrecht | | Indicatie | : | Wajong - weigering. Laattijdige aanvraag. | | Trefwoorden | : | ingezetene | | | minimumloon | | | uitkering | | | | Uitspraak | RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
Zittingsplaats: Breda
Bestuursrecht
zaaknummer: BRE 25/5483 Wajong
uitspraak van 26 februari 2026 van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiseres] , uit [woonplaats] , eiseres,
(gemachtigde: mr. P.F.M. Gulickx),
en
de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (UWV; kantoor Breda), verweerder.
Samenvatting
1. Deze uitspraak gaat over de afwijzing van de aanvraag van eiseres om een uitkering op grond van de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten (Wajong). Eiseres is het niet eens met deze afwijzing. Zij voert daartoe een aantal beroepsgronden aan. Aan de hand van deze beroepsgronden beoordeelt de rechtbank of het UWV terecht heeft geweigerd een Wajong-uitkering toe te kennen.
1.1.
De rechtbank komt in deze uitspraak tot het oordeel dat het UWV terecht de aanvraag van eiseres om een Wajong-uitkering heeft afgewezen. Eiseres krijgt dus geen gelijk en het beroep is dus ongegrond. Hierna legt de rechtbank uit hoe zij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit heeft.
Inleiding
2. Eiseres, geboren op [geboortedag] 1983, heeft op 12 maart 2024 een aanvraag gedaan voor een Wajong-uitkering.
2.1.
Met het besluit van 30 april 2024 (primair besluit) heeft het UWV geweigerd om een Wajong-uitkering toe te kennen. Hiertegen heeft eiseres bezwaar gemaakt. Met het besluit van 15 september 2025 (bestreden besluit) op het bezwaar van eiseres is het UWV bij dat besluit tot weigering een Wajong-uitkering toe te kennen, gebleven.
2.2.
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het bestreden besluit.
2.3.
Het UWV heeft op het beroep gereageerd met een verweerschrift.
2.4.
De rechtbank heeft het beroep op 18 februari 2026 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: eiseres, de gemachtigde van eiseres en [gemachtigde] namens het UWV.
Beoordeling door de rechtbank
3. De voor de beoordeling van het beroep belangrijke wet- en regelgeving is te vinden in de bijlage bij deze uitspraak.
Grondslag van het bestreden besluit
4. Het UWV heeft vastgesteld dat sprake is van een laattijdige aanvraag, omdat de Wajong-uitkering door eiseres is aangevraagd later dan op haar 18e verjaardag of tijdens haar studie.
De verzekeringsarts bezwaar en beroep (b&b) heeft geconcludeerd dat er ten tijde van de 18e verjaardag ( [geboortedag] 2001) en tijdens studie sprake was van ziekte/gebrek. Volgens de verzekeringsarts b&b en de arbeidsdeskundige b&b heeft eiseres op de datum van aanvraag (12 maart 2024) geen arbeidsvermogen. De verzekeringsarts b&b is van mening dat de datum van beëindiging van de bedrijfsactiviteiten van eiseres (1 januari 2024) als datum van toename van haar beperkingen is aan te merken. Deze datum ligt buiten de vijf-jaarstermijn vanaf haar 18e verjaardag of tijdens haar studieperiode. Dit betekent dat het ontbreken van arbeidsvermogen buiten het tijdvak valt waarin eiseres potentieel recht zou hebben op een Wajong-uitkering.
Medisch onderzoek
5. De verzekeringsarts b&b heeft de dossiergegevens bestudeerd, de hoorzitting op 25 juli 2025 bijgewoond en aansluitend een medisch onderzoek verricht. De verzekeringsarts b&b heeft overwogen dat er thans voldoende informatie aanwezig is van medisch objectiveerbare aard op basis waarvan mag worden verondersteld dat bij eiseres vanaf haar 18e jaar beperkingen aanwezig zijn geweest ten aanzien van haar functioneren op basis van een ASS (Autismespectrumstoornis), PTSS (Posttraumatische Stressstoornis) en kenmerken van OCD (Obsessieve-Compulsieve Stoornis). Er zijn bij eiseres beperkingen aanwezig op het gebied van de sociale vaardigheden (omgaan met anderen, de eigen dunk, verantwoordelijkheid nemen, regels hanteren, eventuele naïviteit en het aannemen van de slachtofferrol). Gelet op de aanwezige stoornis in het sociaal aanpassingsvermogen bestaan beperkingen op het gebied van persoonlijk en sociaal functioneren.
Hieruit volgen de volgende beperkingen vanaf haar 18e jaar: ontwikkelen van vaardigheden, richten van aandacht, in groepsverband ondernemen van enkelvoudige of meervoudige taken, structureren, prioriteiten stellen, omgaan met stress en andere mentale eisen, omgaan met nieuwe dingen, om hulp vragen, gevolgen van eigen handelen overzien, begrijpen van non-verbale boodschappen, communiceren-zich uiten, eigen gevoelens uiten, tolerantie van gedrag in relaties tonen en beantwoorden, zich sociaal passend gedragen, hanteren van conflicten, omgaan met onbekenden, omgaan met meerderen, omgaan met verschillende soorten werktijden en geluid.
Met deze beperkingen heeft eiseres in het verleden laten zien te hebben kunnen functioneren
in arbeid. Nader onderzoek hiernaar door de arbeidsdeskundig b&b is aangewezen. Eiseres is in ieder geval vanaf haar 18e jaar minimaal 4 uur per dag belastbaar geweest en in staat geweest 1 uur aaneengesloten een bepaalde taak uit te voeren. Eiseres heeft haar werkzaamheden als zelfstandige gestopt omdat het niet helpend was en haar voortdurend in de overvraging deed terecht komen. De datum van toename van haar beperkingen is niet exact te bepalen en kan slechts bij benadering worden aangeven. Weliswaar staan in het journaal van haar huisarts dat op 13 augustus en 7 augustus psychische problematiek is gerapporteerd en dat ze op 10 juli 2009 is verwezen voor verdere psychiatrische hulp maar dit leidt op zich niet tot de conclusie dat eiseres vanaf deze datum niet meer in staat zou zijn minimaal 4 uur per dag te werken rekening houdende met de hiervoor aangegeven beperkingen. Eiseres is medio 2008 ontslagen, er zijn geen ziekmeldingen bekend uit deze periode. Eiseres heeft hierna ook haar werkzaamheden als zelfstandige opgestart. In de rapportage van de GZ-psychologen van januari-juli 2020 wordt ook nog vermeld dat eiseres nog parttime werkt. Er wordt ten aanzien van werk en opleiding nog trajectbegeleiding geadviseerd. Verdere objectiveerbare informatie van medische aard na deze datum ontbreekt. In deze zin ligt het dan ook voor de hand aan te sluiten bij de datum van beëindiging van haar bedrijfsactiviteiten, in casu 1 januari 2024, als datum van toename van haar beperkingen. Deze ligt in ieder geval buiten de 5-jaars periode welke is aangevangen op haar l8e jaar.
Arbeidskundig onderzoek
6. De arbeidsdeskundige b&b heeft gerapporteerd dat eiseres beschikt over basale werknemersvaardigheden. Eiseres kan instructies van een werkgever begrijpen, onthouden en uitvoeren en afspraken met een werkgever nakomen. Eiseres heeft de Havo en het NHTV en diverse cursussen met goed resultaat doorlopen en zij heeft werkervaring. Tijdens het volgen van onderwijs heeft zij laten zien dat zij instructies en opdrachten zoals bijvoorbeeld toetsen maken en examens afleggen, kan begrijpen, kan onthouden en kan uitvoeren. Daar is tevens gebleken dat zij afspraken ten opzichte van docenten en school kan nakomen. Verder heeft zij ook werkervaring bij verschillende werkgevers opgedaan. Er zijn voorts geen cognitieve beperkingen vastgesteld door de verzekeringsarts b&b en hij heeft aangegeven dat er medisch gezien geen redenen zijn waarom de basale werknemersvaardigheden zouden ontbreken. Gezien haar cognitie is eiseres in staat om instructies te begrijpen, onthouden en uit te voeren. Ook blijkt (uit de hoorzitting) dat zij in staat is om afspraken na te komen. Er mag daarom worden uitgegaan van het hebben van werknemersvaardigheden.
Daarnaast heeft de arbeidsdeskundige b&b het arbeidsvermogen van eiseres geanalyseerd. Gelet op de door de verzekeringsarts b&b aangenomen beperkingen zal er in de werkzaamheden rekening gehouden moeten worden met de mate waarin samenwerken/ sociale interactie aan de orde zijn. Dit moet zo veel mogelijk beperkt blijven. Er dient rekening gehouden te worden met de intensiteit van contacten met klanten, patiënten,
hulpbehoevenden maar ook met collega’s. Taken dienen afgebakend te zijn volgens vaste planning. Tevens dient het werk geen leidinggevende aspecten in zich te hebben.
Taken dienen verder niet afwisselend te zijn en volgens een vaste volgorde afgewerkt kunnen worden volgens vaste regels en tijd. Ook dient er niet een te hoge werkdruk/tempo opgelegd te worden. Eiseres is gebaat bij een vast aanspreekpunt waarop teruggevallen kan worden voor vragen en nadere uitleg, steun of controle. Werktijden dienen op vaste tijden (zonder overwerk) te geschieden, zonder avond-nachtdiensten/wisseldiensten te moeten draaien. Eiseres is aangewezen op werkzaamheden zonder veel afleiding of prikkels. Er zal dus rekening gehouden dienen te worden met de mate van visuele prikkels in de werkomgeving, met verstoringen of onderbrekingen in de werksituatie of afleiding door activiteiten door anderen. Tevens dient er rekening gehouden te worden met geluiden boven 85 dB. Eiseres heeft tijd nodig om te wennen en zich vertrouwd te voelen en is gebaat bij
een begripvolle bedrijfscultuur/werkomgeving.
Gelet op het voorgaande heeft de arbeidsdeskundige b&b twee taken geselecteerd, namelijk Scannen en Invoeren van gegevens, en vastgesteld dat de belasting in deze taken past binnen de krachten en bekwaamheden van eiseres. De arbeidsdeskundige b&b heeft de taak Scannen nader uitgewerkt.
Standpunt eiseres
7. Eiseres heeft zich in beroep op het standpunt gesteld dat het UWV de Wajong-uitkering onterecht heeft geweigerd en dat zij aan alle voorwaarden voldoet om in aanmerking te komen voor een Wajong-uitkering. Haar voorgeschiedenis, en met name haar medische voorgeschiedenis, is in het verleden niet goed beoordeeld. Tevens zijn de psychische klachten, ook in de referteperiode, niet goed en gedegen opgevraagd en in de beoordeling betrokken. Daarmee heeft het UWV geen goed en gedegen zorgvuldig onderzoek verricht. Het is juist dat eiseres in het verleden wel (minimaal en marginaal) heeft gewerkt, maar haar arbeidsverleden wordt gekenmerkt door veelvuldige en regelmatige uitval in combinatie met tussentijdse dan wel voortijdige beëindigingen van de werkrelatie vanwege het niet normaal of regulier kunnen functioneren in de arbeidsverhouding. Ook dit aspect is door het UWV niet gedegen opgevraagd of onderzocht en in de beoordeling betrokken. Ten gevolge van haar psychische stoornissen, kampt eiseres al jaren met een onvermogen tot arbeid. Eiseres lijdt sinds haar achttiende aan een rechtstreeks en medisch objectief vast te stellen ziekte. Bij haar is in 2020 ASS vastgesteld. ASS zit in de genen en is dan ook aanwezig vanaf de geboorte. Bij eiseres is in 2022 verder PTSS en een angst- en dwangstoornis vastgesteld. Eiseres lijdt vanaf haar jonge jeugdjaren hieraan. Bij de beoordeling van de aanvraag moet met deze psychische stoornissen dan ook rekening worden gehouden.
Eiseres heeft duurzaam geen mogelijkheid tot arbeidsparticipatie. Eiseres kan wegens haar ASS geen taak uitvoeren in een werkomgeving. Zij kan geen één uur haar aandacht bij het werk houden, waardoor het niet mogelijk is om per werkdag ten minste 4 uur te werken. Eiseres studeerde gedurende ten minste zes maanden onmiddellijk voorafgaand aan haar onvermogen tot arbeidsparticipatie.
Overwegingen rechtbank
8. Partijen hebben desgevraagd ter zitting bevestigd dat niet in geschil is dat de te beoordelen periode in dit geval loopt vanaf de 18e verjaardag van eiseres, [geboortedag] 2001 tot en met [datum] 2006.
8.1.
Omdat eiseres haar aanvraag voor een Wajong-uitkering geruime tijd na haar 18e verjaardag heeft ingediend, is sprake van een laattijdige aanvraag. In dat geval moet het UWV onderzoeken of eiseres binnen de reeds verstreken periode van vijf jaar na haar verjaardag alsnog jonggehandicapte is geworden. Volgens vaste rechtspraak draagt de aanvrager in geval van een laattijdige aanvraag de bewijslast om met objectieve medische gegevens aannemelijk te maken dat zij op haar 18e verjaardag en vijf jaar daarna voldeed aan de voorwaarden om in aanmerking te komen voor een Wajong-uitkering, omdat het medisch beeld met het verstrijken van de tijd steeds moeilijker is vast te stellen.
8.2.
Recht op een Wajong-uitkering ontstaat pas indien de betrokkene duurzaam geen mogelijkheden tot arbeidsparticipatie (arbeidsvermogen) heeft.
Het UWV moet daarom eerst beoordelen of eiseres voldoet aan tenminste een van de volgende voorwaarden:
- eiseres kan geen taak uitvoeren in een arbeidsorganisatie
- eiseres beschikt niet over basale werknemersvaardigheden
- eiseres kan niet een uur aangesloten werken
- eiseres is niet tenminste vier uur per dag belastbaar (dan wel twee uur per dag belastbaar en in staat het minimumloon te verdienen).
Wordt aan tenminste een van de hiervoor genoemde voorwaarden voldaan dan ontbreekt arbeidsvermogen. Vervolgens moet het UWV dan beoordelen of deze situatie duurzaam is.
Bij de beoordeling maakt het UWV gebruik van de Sociaal Medische Beoordeling Arbeidsvermogen (SMBA)-systematiek. Bij deze beoordeling staat de ‘International Classification of Functioning, Disability and Health’ centraal. Voor het toepassen van de SMBA-systematiek heeft het UWV het ‘Compendium Participatiewet’ vastgesteld.
8.3.
De rechtbank ziet geen aanleiding om het onderzoek door de verzekeringsarts b&b onzorgvuldig te achten. De verzekeringsarts b&b heeft eiseres gezien en medisch onderzocht. Uit de medische rapportage blijkt dat de verzekeringsarts b&b op de hoogte was van de medische situatie van eiseres en dat dit voldoende is betrokken bij de beoordeling.
Naar het oordeel van de rechtbank hebben de verzekeringsarts b&b en de arbeidsdeskundige b&b daarnaast genoegzaam gemotiveerd dat eiseres over arbeidsvermogen beschikte in de te beoordelen periode en dat zij dus niet aan de criteria voldoet om in aanmerking te komen voor een Wajong-uitkering. De verzekeringsarts b&b en de arbeidsdeskundige b&b hebben daarbij veel gewicht mogen toekennen aan de door eiseres gevolgde opleiding en verrichtte werkzaamheden. Dat eiseres het niet eerlijk vindt dat het UWV enkel kijkt naar de situatie op haar 18e verjaardag en de daaropvolgende vijf jaar, is begrijpelijk, maar betekent niet dat zij in aanmerking komt voor een Wajong-uitkering. Eiseres heeft geen medische informatie uit de te beoordelen periode overgelegd waaruit blijkt dat haar medische situatie anders was dan waar het UWV vanuit is gegaan.
Conclusie en gevolgen
9. Het beroep is ongegrond. Omdat het beroep ongegrond wordt verklaard, krijgt eiseres geen proceskostenvergoeding. Ook krijgt eiseres het griffierecht niet vergoed.
Beslissing
De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.
Deze uitspraak is gedaan door mr. I.M. Josten, rechter, in aanwezigheid van C.M.A. Groenendaal, griffier, op 26 februari 2026 en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.
griffier rechter
Afschrift verzonden aan partijen op:
Informatie over hoger beroep
Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar de Centrale Raad van Beroep waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met de uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden.
Digitaal hoger beroep instellen kan via “Formulieren en inloggen” op www.rechtspraak.nl. Hoger beroep instellen kan eventueel ook nog steeds door verzending van een brief aan de Centrale Raad van Beroep, Postbus 16002, 3500 DA Utrecht.
Bijlage wettelijk kader
Wajong
Artikel 1a:1, eerste lid
Jonggehandicapte in de zin van dit hoofdstuk en de daarop berustende bepalingen is de ingezetene die:
op de dag waarop hij achttien jaar wordt als rechtstreeks en objectief medisch vast te stellen gevolg van ziekte, gebrek, zwangerschap of bevalling duurzaam geen mogelijkheden tot arbeidsparticipatie heeft;
na de in onderdeel a bedoelde dag als rechtstreeks en objectief medisch vast te stellen gevolg van ziekte, gebrek, zwangerschap of bevalling duurzaam geen mogelijkheden tot arbeidsparticipatie heeft en in het jaar, onmiddellijk voorafgaand aan de dag waarop dit is ingetreden, gedurende ten minste zes maanden studerende was.
Artikel 1a:1, tweede lid
De ingezetene die op de dag, bedoeld in het eerste lid, onderdeel a of b, beperkingen ondervindt als gevolg van ziekte, gebrek, zwangerschap of bevalling, maar op grond van het eerste lid niet aangemerkt wordt als jonggehandicapte, wordt alsnog jonggehandicapte in de zin van dit hoofdstuk en de daarop berustende bepalingen, indien hij binnen vijf jaar na die dag duurzaam geen mogelijkheden tot arbeidsparticipatie heeft, indien dit voortkomt uit dezelfde oorzaak als die op grond waarvan hij beperkingen als gevolg van ziekte, gebrek, zwangerschap of bevalling ondervond, op de dag, bedoeld in onderdeel a of b.
Artikel 1a:1, achtste lid
Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen met betrekking tot het eerste, vierde en zesde lid nadere regels worden gesteld. Bedoelde algemene maatregel van bestuur is het Schattingsbesluit arbeidsongeschiktheidswetten (het Schattingsbesluit).
Schattingsbesluit
Artikel 1a, eerste lid
Betrokkene heeft geen mogelijkheden tot arbeidsparticipatie als bedoeld in de artikelen 1a:1, eerste lid, 2:4, eerste lid, en 3:8a, eerste lid, van de Wajong, indien hij:
geen taak kan uitvoeren in een arbeidsorganisatie;
niet over basale werknemersvaardigheden beschikt;
niet aaneengesloten kan werken gedurende ten minste een periode van een uur; of
niet ten minste vier uur per dag belastbaar is, tenzij hij ten minste twee uur per dag belastbaar is en in staat is per uur ten minste een bedrag te verdienen dat gelijk is aan het minimumloon per uur.
Artikel 1a, tweede lid
Een taak als bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, is de kleinste eenheid van een functie en bestaat uit één of meerdere handelingen.
ECLI:NL:CRVB:2020:578.
ECLI:NL:CRVB:2021:1583. | Link naar deze uitspraak
|
| | |
|
|