Inloggen 
 

 Registreren
 Wachtwoord vergeten?


Terug naar het beginscherm

 
 
 
Neem contact op met de Agro-advieslijn:
0570-657417 (Houtsma Bedrijfsadvies)
ECLI:NL:RBROT:2026:8851 
 
Datum uitspraak:15-07-2026
Datum gepubliceerd:20-07-2026
Instantie:Rechtbank Rotterdam
Zaaknummers:11965772 GZ VERZ 25-9264
Rechtsgebied:Civiel recht
Indicatie:Instelling bewind en mentorschap met benoeming professionele bewindvoerder en mentor. Grote problemen binnen de familie en ernstige beschuldigingen over en weer over onder andere misbruik van betrokkene, mishandeling, fraude etc.
Trefwoorden:burgerlijk wetboek
omzetbelasting
 
Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
zaaknummer: 11965772 GZ VERZ 25-9264

uitspraak: 15 juli 2026



beschikking van de kantonrechter, zitting houdende te Rotterdam,

inzake het verzoek van:




[verzoeker 1],
wonende te [postcode 1] [plaatsnaam ], [adres 1],
en


[verzoeker 2]


wonende te [postcode 2] [plaatsnaam ], [adres 2],
hierna te noemen verzoeksters,

tot instelling van een bewind over de goederen van:




[betrokkene],
geboren te [geboorteplaats], [geboorteland] op [geboortedatum] 1937,
wonende te [postcode 2] [plaatsnaam ], [adres 2],
hierna te noemen betrokkene.



Verloop van de procedure
De kantonrechter heeft kennisgenomen van:


het verzoekschrift met bijlagen, ter griffie binnengekomen op 11 november 2025;


de bereidverklaringen van de voorgestelde bewindvoerders.


de verweerschriften van [persoon 1], [persoon 2], [persoon 3], [persoon 4], [persoon 5] en [persoon 6];


de mail van Veilig Thuis Rotterdam Rijnmond, ter griffie binnengekomen op 9 februari 2026;


het verzoek van Veilig thuis Rotterdam Rijnmond, ter griffie binnengekomen 19 maart 2026;


de mails van [verzoeker 2], ter griffie binnengekomen op 25 april 2026, 19 mei 2026, 3 juli 2026 en 6 juli 2026;


de mail van [persoon 7], ter griffie binnengekomen op 27 juni 2026;


de reactie van [persoon 4], ter griffie binnengekomen op 29 juni 2026;


de aanvullende stukken, ter zitting ontvangen op 6 juli 2026.



Het verzoek was al twee keer eerder op zitting gepland, maar de behandeling is beide keren niet doorgegaan. Op 4 februari 2026 is er ter griffie een mail binnengekomen van [verzoeker 2] met het verzoek om de geplande zitting op 12 februari 2026 uit te stellen omdat er sprake was van verschillende gezondheidsproblemen binnen de familie. De zaak is opnieuw ter zitting gepland op 16 april 2026. Op donderdag 16 april 2026 is er ter griffie een mail binnengekomen van [verzoeker 2] met het verzoek om de geplande zitting tijdelijk on-hold te zetten in verband met het overlijden van [persoon 2], dochter van betrokkene.

De zaak is uiteindelijk ter zitting behandeld op 6 juli 2026. Op deze zitting zijn de aanwezigen gehoord.



Beoordeling van het verzoek
Uit de processtukken en behandeling ter terechtzitting is aannemelijk geworden dat betrokkene als gevolg van een lichamelijke of geestelijke toestand niet in staat is ten volle haar vermogensrechtelijke belangen zelf behoorlijk waar te nemen. Betrokkene lijdt aan Alzheimer en vasculaire dementie en lichamelijke klachten. De kantonrechter zal het bewind toewijzen, aangezien dit in het belang is van betrokkene. De noodzaak van het bewind zelf staat ook niet ter discussie, daar is iedereen het over eens. Wat wel ter discussie staat, is wie tot bewindvoerder moet worden benoemd.

Verzoeksters hebben tijdens de mondeling behandeling bevestigd dat zij hun verzoeken tot het instellen van bewind en mentorschap willen handhaven, met benoeming van hen beiden tot bewindvoerder en mentor. Dit in tegenstelling tot een eerder bericht, waarin zij schreven dat zij het verzoek wilden intrekken.

Uit de ontvangen verweerschriften en ter zitting is gebleken dat meerdere kinderen en kleinkinderen van betrokkene het niet eens zijn met de voorgestelde bewindvoerders. Hun voorkeur gaat uit naar de benoeming van een professionele bewindvoerder. Dit in verband met de spanningen binnen de familie.

Ter zitting is een nadere toelichting van de aanwezigen verkregen op de ingediende stukken. Het is overduidelijk dat er zeer grote problemen spelen binnen de familie. Op de zitting waren naast betrokkene zelf, zeven kinderen en twee kleinkinderen aanwezig. Er vallen over en weer grote woorden met ernstige beschuldigingen over misbruik van betrokkene, mishandeling, oplichtingspraktijken, fraude met het geld van betrokkene, bankfraude, misbruik van PGB en fraude met DigiD etc. De verschillende familieleden, met verzoeksters aan de ene kant en vrijwel de rest van de hele familie aan de andere kant, stonden als kemphanen tegenover elkaar. Dit met betrokkene als lijdend voorwerp in het midden van al het geruzie.

Tijdens de zitting heeft kantonrechter geprobeerd met betrokkene te bespreken of zij een voorkeur heeft voor een bewindvoerder en mentor. De kleindochter van betrokkene heeft op verzoek van de kantonrechter getolkt. Gezien de medische toestand van betrokkene is het niet mogelijk gebleken om een duidelijk antwoord van betrokkene te krijgen. Er is door [verzoeker 2] en [persoon 6] gevraagd aan de kantonrechter om betrokkene later nog een keer alleen te horen, dus buiten aanwezigheid van de familie, met een officiële tolk. De kantonrechter vindt dit om meerdere redenen niet nodig. Ten eerste valt niet te verwachten, gezien de medische toestand van betrokkene, dat zij nog in staat zal zijn om een duidelijke voorkeur uit te spreken. Maar ook als betrokkene nog wel een voorkeur zou kunnen uitspreken voor een of meer familieleden om tot mentor en/of bewindvoerder te worden benoemd, dan vindt de kantonrechter dat toch niet in het belang van betrokkene.

Hiervoor is het volgende redengevend. Hiervoor is al overwogen dat de familie enorm verdeeld is en de ruzie binnen de familie heel hoog is opgelopen, met groot wantrouwen en boosheid over en weer over allerlei kwesties. De kantonrechter is van oordeel dat daarom niet te verwachten is dat er door een familiementor/bewindvoerder nog beslissingen kunnen worden genomen, waarbij het belang van betrokkene voorop staat. Dit blijkt ook uit rapportage van Veilig Thuis: ook zij hebben grote zorgen over de situatie van betrokkene. Veilig Thuis is betrokken geraakt na een politiemelding met betrekking tot vermoedens van huiselijk geweld in de vorm van emotionele/psychische mishandeling en mogelijke financiële uitbuiting. Ook Veilig Thuis signaleert dat de familie verdeeld is, dat de familieleden lijnrecht tegenover elkaar staan en elkaar over en weer beschuldigen. Door de onderlinge conflicten tussen de kinderen staat de zorgbehoefte van betrokkene onvoldoende centraal.

Gelet op het voorgaande heeft de kantonrechter er geen enkele twijfel over dat het in het belang is van betrokkene om een professionele bewindvoerder te benoemen.

Tijdens de mondelinge behandeling was ook een vertegenwoordiger van Stichting Veritas Vertegenwoordiging aanwezig. Gelet hierop gaat de kantonrechter er vanuit dat Stichting Veritas Vertegenwoordiging ook bereid is om tot bewindvoerder te worden benoemd. Een schriftelijke bereidverklaring is niet meer noodzakelijk.

Ter zitting had betrokkene het over geld, dat zou zijn verdwenen uit haar koffer. Onduidelijk is hoe dit geld is verdwenen en wat er met dit geld is gebeurd. Verder beschuldigen de kinderen elkaar over en weer van fraude en/of financieel misbruik van hun moeder.
De kantonrechter verzoekt de bewindvoerder om naar de financiële gang van zaken de afgelopen jaren een globaal onderzoek in te stellen. Mocht er aanleiding zijn om aan te nemen dat aantoonbaar sprake is geweest van fraude en/of financieel misbruik van betrokkene, dan kan de bewindvoerder dit voorleggen aan de kantonrechter en een voorstel doen voor het instellen van een nader onderzoek en/of eventuele vervolgstappen.

Veilig Thuis Rotterdam Rijnmond heeft ook een verzoek ingediend tot het instellen van bewind en mentorschap, maar gelet op wat hiervoor is beslist, hoeft daar geen beslissing meer over te worden genomen.

Ter zitting is gebleken dat betrokkene niet in staat moet worden geacht de rekening en verantwoording te begrijpen en te beoordelen.

Ter zitting is gebleken dat betrokkene niet in staat is toestemming te geven als bedoeld in artikel 1:441 lid 2 van het Burgerlijk Wetboek.

De kantonrechter zal de beloning van de bewindvoerder voor de aanvangswerkzaamheden vaststellen overeenkomstig artikel 3 lid 5 sub a van de Regeling beloning curatoren, bewindvoerders en mentoren, ten bedrage van € 767,00 ex btw.

De kantonrechter zal de jaarbeloning van de bewindvoerder, inclusief onkostenvergoeding en exclusief omzetbelasting voor zover van toepassing, vaststellen overeenkomstig artikel 3 lid 2 sub a van de Regeling beloning curatoren, bewindvoerders en mentoren (basistarief).



Beslissing


De kantonrechter:

stelt alle goederen die (zullen) toebehoren aan [betrokkene] voornoemd onder bewind wegens een lichamelijke of geestelijke toestand;

benoemt tot bewindvoerder:


Stichting Veritas Vertegenwoordiging,

Postbus 9099, 3007 AB Rotterdam;

stelt de beloning van de bewindvoerder voor de aanvangswerkzaamheden vast overeenkomstig artikel 3 lid 5 sub a van de Regeling beloning curatoren, bewindvoerders en mentoren, ten bedrage van € 767,00 ex btw;

stelt de jaarbeloning van de bewindvoerder vast overeenkomstig artikel 3 lid 2 sub a van de Regeling beloning curatoren, bewindvoerders en mentoren;

verzoekt de bewindvoerder om een onderzoek in te stellen naar de financiële gang van zaken de afgelopen jaren, zoals hierboven staat.

Deze beschikking is gegeven door mr. C.J. Frikkee, kantonrechter, en uitgesproken ter openbare terechtzitting.
66669


Verzonden op:



















Tegen deze beschikking kan in hoger beroep worden gegaan bij het gerechtshof Den Haag. Dit kan alleen worden ingesteld door een advocaat. Verzoeker en degenen aan wie een kopie van de beschikking is verstrekt moeten hoger beroep instellen binnen drie maanden na de datum van de beschikking. Voor andere belanghebbenden moet dit binnen drie maanden nadat zij van de beschikking op de hoogte zijn geraakt.
Link naar deze uitspraak