Inloggen 
 

 Registreren
 Wachtwoord vergeten?


Terug naar het beginscherm

 
 
 
Neem contact op met de Agro-advieslijn:
0570-657417 (Houtsma Bedrijfsadvies)
ECLI:NL:RBAMS:2026:9536 
 
Datum uitspraak:28-08-2026
Datum gepubliceerd:24-09-2026
Instantie:Rechtbank Amsterdam
Zaaknummers:12099045 EA VERZ 26-189
Rechtsgebied:Civiel recht
Indicatie:appartementsrecht; 5:130 BW; besluit verhoging (voorschot) VvE-bijdrage niet gegrond op vastgestelde begroting; inzageverzoek (195 Rv)
Trefwoorden:burgerlijk wetboek
 
Uitspraak
RECHTBANK
AMSTERDAM


Civiel recht
Kantonrechter

Zaaknummer/ rekestnummer: 12099045 \ EA VERZ 26-189


Beschikking van 28 augustus 2026 (bij vervroeging)


in de zaak van



[verzoeker]
,
wonende te [woonplaats] ,
verzoekende partij,
hierna te noemen: [verzoeker] ,
gemachtigde: mr. R-J. van de Leur,

tegen


VERENIGING VAN EIGENAREN [de VvE],
gevestigd te [vestigingsplaats] ,
verwerende partij,
hierna te noemen: de VvE,
gemachtigde: mr. J.C. Bruins (Stichting Achmea Rechtsbijstand),





1De procedure


1.1.

[verzoeker] heeft op 6 februari 2026 een verzoekschrift met producties ingediend dat strekt tot vernietiging dan wel nietigverklaring van besluiten van de vergadering van de VvE van 15 januari 2026 op grond van artikel 5:130 Burgerlijk Wetboek (BW).



1.2.
Op 28 juli 2026 is ter griffie van de rechtbank een verweerschrift met producties van de VvE ingekomen.



1.3.
De mondelinge behandeling heeft plaatsgevonden op 11 augustus 2026. [verzoeker] , de VvE en alle overige stemgerechtigden zijn door de griffier opgeroepen. [verzoeker] is verschenen, vergezeld door zijn gemachtigde. Namens de VvE is verschenen [naam 1] , bestuurslid, vergezeld door de gemachtigde.



1.4.
Ook zijn de volgende belanghebbenden verschenen: [naam 2] ,

[naam 3] en [naam 4] .



1.5.
Partijen hebben hun standpunten nader toegelicht, de gemachtigde van [verzoeker] aan de hand van overgelegde spreekaantekeningen, en vragen van de kantonrechter beantwoord. De belanghebbenden zijn ook in de gelegenheid gesteld hun standpunt te geven.



1.6.
Daarna is een datum voor beschikking bepaald.





2Feiten

Als gesteld en niet (voldoende) weersproken staat het volgende vast:


2.1.
Het (kerk)gebouw met ondergrond, staande en gelegen te [plaats] aan de [straat] [huisnummer 1] en [huisnummer 2] is bij akte van 24 februari 1989 (hierna: de akte van splitsing) gesplitst in zeven appartementsrechten. Daarbij is het reglement van splitsing van 22 november 1983 (hierna: het modelreglement) met wijzigingen en aanvullingen die volgen uit de splitsingsakte van toepassing verklaard en de VvE opgericht.



2.2.
Het totaal aantal in de vergadering van eigenaars uit te brengen stemmen bedraagt zeven, te weten één stem voor elk appartementsrecht.



2.3.

[verzoeker] is eigenaar van een appartementsrecht en op grond daarvan lid van de VvE. Hij bewoont het appartement niet zelf.



2.4.
De in de splitsingsakte bepaalde wijzigingen en aanpassingen van het modelreglement houden in, voor zover van belang:
“Artikel 33
(…)
2. Jaarlijks binnen zes maanden na afloop van het boekjaar zal een vergadering worden gehouden, waarin, in overeenstemming met artikel 4 eerste lid, door het bestuur de exploitatierekening over het afgelopen boekjaar wordt voorgelegd die door de vergadering moet worden vastgesteld voor de bepaling van de definitieve bijdrage door iedere eigenaar. In deze of een eerdere vergadering wordt tevens de begroting vastgesteld voor het aangevangen of het komende boekjaar.
(…)
5. Door de vergadering wordt al dan niet uit de eigenaars een voorzitter en een plaatsvervangend voorzitter benoemd. Voor de eerste maal zal als voorzitter optreden: (…). Tenzij bij de benoeming anders is bepaald worden de voorzitter en de plaatsvervangend voorzitter voor onbepaalde tijd benoemd. Zij kunnen te allen tijde door de vergadering worden ontslagen.
6. De voorzitter, casu quo de plaatsvervangend voorzitter, is belast met de leiding van de vergadering; bij hun afwezigheid voorziet de vergadering zelf in haar leiding. De oproeping ter vergadering vindt plaats met een termijn van tenminste acht dagen – de dag van oproeping en van vergadering daaronder niet medegerekend – en wordt verzonden naar de werkelijke of, in overeenstemming met artikel 15 van het Eerste Boek van het Burgerlijk Wetboek, de gekozen woonplaats van de eigenaars; zij bevat de opgave van de punten der agenda alsmede de plaats van de vergadering.

Artikel 41 lid 4 wordt vervangen door:
(..) Het bestuur behoeft de machtiging van de vergadering voor het instellen van en berusten in rechtsvorderingen (…). Het bestuur behoeft geen machtiging om in een geding verweer te voeren (...).”



2.5.
Het modelreglement houdt in, voor zover van belang:
“Artikel 4
1. Na afloop van elk boekjaar, dat in de akte nader zal worden aangegeven, wordt door het bestuur een exploitatierekening over dat boekjaar opgesteld en ter vaststelling aan de jaarlijkse vergadering voorgelegd. Deze exploitatierekening omvat de ontvangsten (waaronder niet vallen de voorschot bijdragen als bedoeld in artikel 5 tweede lid), alsmede de schulden en kosten over dat boekjaar, waaronder begrepen een naar tijdsduur evenredig gedeelte van de te begroten kosten verbonden aan het periodiek schilderwerk en de noodzakelijke vernieuwingen, en - zo tot vorming van een reservefonds als bedoeld in artikel 32 eerste lid is besloten - een telken jare in de vergadering vast te stellen bedrag ten behoeve van een zodanig reservefonds.
2. Op grond van de vastgestelde exploitatierekening worden de definitieve bijdragen van de eigenaars door het bestuur met inachtneming van de verhouding als is bepaald in artikel 2 derde lid vastgesteld.

Artikel 41
1. Het bestuur berust bij één of meer administrateurs, die benoemd worden door de vergadering.
2. De administrateurs worden benoemd voor onbepaalde tijd en kunnen te allen tijde worden ontslagen.
(…)
6. Het bestuur is verplicht aan iedere eigenaar alle inlichtingen te verstrekken betreffende de administratie van het gebouw en het beheer van de fondsen, welke die eigenaar mocht verlangen, en hem op zijn verzoek inzage te verstrekken van alle op die administratie en dat beheer betrekking hebbende boeken, registers en bescheiden; het houdt de eigenaars op de hoogte van het adres en het telefoonnummer van het bestuur.”



2.6.
De notulen van de vergadering van eigenaars van 15 januari 2026 (hierna: de ALV), waarbij alle eigenaars aanwezig waren, luiden, voor zover van belang:
“

1. Jaarverslag 2025

Het jaarverslag 2025 werd voorafgaand aan de eigenaren overhandigd en op de vergadering gepresenteerd. Alle stemden in met het Jaarverslag.





2VvE-commissie/administratie
(..) Omdat [naam 4] en [naam 3] als vaste bewoners waren ingetrokken, vroeg [naam 1] hen kort voor deze vergadering of ze zouden overwegen toe te treden tot het VvE-comité, zodat het een onderwerp kon worden op de vergadering. Dat deden ze, dus de vraag aan de eigenaren is of ze het ermee eens zijn dat het VvE-comité voorlopig zal bestaan uit [naam 4] , [naam 3] en [naam 1] .


[verzoeker] (kantonrechter: [verzoeker]) vroeg waarom niet alle leden daartoe werden gevraagd; [naam 1] legde uit dat het in het belang van de VvE is dat de VvE-commissie bestaat uit leden die permanent in de [straat] wonen. (…) De andere eigenaren hadden hier geen bezwaar tegen.

De benoeming van [naam 4] en [naam 3] werd door de leden goedgekeurd.




4Uitbesteding, administratie en technisch onderhoud
Dit onderwerp werd in de vergadering gebracht door [verzoeker] , die de offerte van het servicemanagementbureau De Huishouding voorafgaand aan alle eigenaren stuurde als discussiepunt.
(…)
De eigenaren van 6 appartementen zijn ervoor dat de situatie zo blijft, dus dit is overeengekomen en het zal volgend jaar worden geëvalueerd.




7Diversen
(…)
Maandelijkse servicekosten: vanaf 1 maart 2026 bedragen de servicekosten € 200 per maand. (…)”




3Verzoek en verweer


3.1.

[verzoeker] verzoekt  kort samengevat  bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren beschikking de hierboven onder 2.6 vermelde vier besluiten van de VvE te vernietigen, met nevenverzoeken en veroordeling van de VvE in de proceskosten.



3.2.
De VvE heeft verweer gevoerd en geconcludeerd tot niet-ontvankelijkverklaring dan wel afwijzing van het verzoek, met veroordeling van [verzoeker] in de kosten van het geding.



3.3.
Op de stellingen van partijen zal hierna  voor zover relevant  worden ingegaan.





4De beoordeling


4.1.
Voorafgaand aan de beoordeling van de besluiten merkt de kantonrechter het volgende op. Op de mondelinge behandeling heeft [verzoeker] de vraag gesteld of de VvE gerechtigd was verweer te voeren. Het antwoord op deze vraag is dat het bestuur, anders dan voor het instellen van een rechtsvordering, gelet op artikel 41 lid 4 van de splitsingsakte geen machtiging van de ledenvergadering behoeft om in een geding verweer te voeren.


toetsingskader besluiten



4.2.
Een besluit genomen in de algemene ledenvergadering van een vereniging van eigenaars is op grond van artikel 2:15 BW vernietigbaar wegens strijd met wettelijke of statutaire bepalingen die het tot stand komen van besluiten regelen (a), wegens strijd met de redelijkheid en billijkheid die door 2:8 BW worden geëist (b), dan wel wegens strijd met een reglement (c).



4.3.
Artikel 2:8 lid 1 BW bepaalt dat een rechtspersoon en degenen die op grond van de wet en de statuten bij zijn organisatie zijn betrokken, zich als zodanig jegens elkaar moeten gedragen naar hetgeen door de redelijkheid en billijkheid wordt gevorderd. Een besluit is vernietigbaar als het naar inhoud of totstandkoming in strijd is met de voornoemde gedragsregel. De toetsingsmaatstaf is of de vergadering van de VvE bij afweging van alle bij het besluit betrokken belangen in redelijkheid en naar billijkheid tot het besluit heeft kunnen komen. Het gaat daarbij om een marginale toetsing van het besluit.


4.4.
Daarbij komt dat de redelijkheid en billijkheid in de relatie tussen vergadering van eigenaars en lid mede ingevuld wordt door het feit dat (ook) het lidmaatschap van een VvE met zich mee kan brengen dat een minderheid van de leden van die vereniging zich geconfronteerd ziet met een haar onwelgevallig besluit. Die mogelijke confrontatie is inherent aan het democratische karakter van de vereniging. Dat karakter brengt bovendien met zich mee dat de minderheid zich in beginsel, ook al is ze het er niet mee eens, heeft te voegen naar het besluit. Dat neemt niet weg dat bij de belangenafweging door de vergadering van eigenaars daar rekening mee dient te worden gehouden.


4.5.
De vergadering van een vereniging van eigenaars dient er bovendien rekening mee te houden dat het lidmaatschap van haar vereniging voor een appartementseigenaar verplicht is. Het lid dat zich niet met het besluit kan verenigen heeft, zolang het eigenaar is van een appartementsrecht, geen mogelijkheid zich aan verdere onwelgevallige besluitvorming te onttrekken door zijn lidmaatschap op te zeggen.


4.6.
Tot slot rust de stelplicht en bewijslast van feiten en omstandigheden die de conclusie kunnen dragen dat de besluiten in strijd met de redelijkheid en billijkheid zijn op de verzoekende partij.


agenda



4.7.

[verzoeker] heeft gesteld dat de agenda in de vorm van een PowerPointpresentatie pas 90 minuten voor de vergadering is gedeeld met de leden en dat dat te laat is. Hij gaat er daarbij aan voorbij dat het bestuur op 6 januari 2026 een e-mail heeft verzonden aan de leden met daarin de oproeping voor de vergadering en de agendapunten. Er is dan ook sprake geweest van een tijdige agendering.


stemming



4.8.
Volgens [verzoeker] heeft er tijdens de online gehouden algemene ledenvergadering geen reglementaire stemming plaatsgevonden. De bestuurder heeft desgevraagd aangegeven dat hij bij een stemming op de vergadering vraagt of er iemand is die bezwaren heeft tegen het voorstel. Op zichzelf is deze wijze van stemmen geoorloofd, er is immers geen verplichte wijze van stemmen in de wet of de splitsingsakte voorgeschreven. Wel moet het duidelijk zijn voor de leden dat er gestemd wordt. Andere wijzen van stemmen zijn door middel van handopsteken of met (anonieme) stembriefjes. Het is aan de vergadering om te besluiten hoe er gestemd wordt. Als [verzoeker] wil dat de leden tijdens de vergadering op een andere wijze hun stem uitbrengen zal hij dat in de vergadering moeten inbrengen.


vergadervoorzitter



4.9.
Op grond van artikel 33 lid 5 van het modelreglement wordt al dan niet uit de eigenaars voor onbepaalde tijd een voorzitter (en een plaatsvervangend voorzitter) voor de vergadering benoemd. Voor de eerste keer is in de splitsingsakte een vergadervoorzitter benoemd. Hij of zij kan te allen tijde door de vergadering worden ontslagen. In kleine VvE’s komt het vaak voor dat de voorzitter van het bestuur/een bestuurslid fungeert als voorzitter van de vergadering. [naam 1] was op dat moment enig bestuurder. Volgens [verzoeker] is er voorafgaand aan de vergadering door de leden geen vergadervoorzitter benoemd. Hier geldt dat als [verzoeker] een andere vergadervoorzitter wil, hij aan de vergadering moet voorstellen om de huidige te ontslaan en een nieuwe te benoemen.



4.10.
De conclusie is dan ook dat deze door [verzoeker] benoemde bezwaren niet kunnen leiden tot vernietiging van de besluiten.


jaarverslag 2025



4.11.
Op grond van artikel 5:124 lid 2 BW in samenhang met artikel 2:10 lid 1 BW is het bestuur van de VvE verplicht van de vermogenstoestand van de VvE een administratie te voeren. Verder is het bestuur op grond van artikel 4 eerste lid van het modelreglement in samenhang met artikel 33 lid 2 van het modelreglement verplicht om jaarlijks binnen zes maanden na afloop van het boekjaar een balans en staat van baten en lasten (exploitatierekening) op te maken. Uit de balans moeten de bezittingen en de schulden blijken, terwijl uit de exploitatierekening de inkomsten en uitgaven moeten blijken. Het bestuur van de VvE moet de balans en exploitatierekening met een toelichting ter goedkeuring aan de vergadering van eigenaars voorleggen om de definitief voor dat boekjaar door de leden verschuldigde bijdragen vast te stellen.



4.12.

[verzoeker] heeft gesteld dat deze stukken niet voorafgaand aan de vergadering aan hem zijn toegezonden. Het bestuur heeft in de e-mail van 6 januari 2026 aan haar leden aangekondigd het ‘Annual report’ voor de vergadering te zullen toesturen. In de e-mail van 12 januari 2026 van het bestuur aan haar leden, dat als onderwerp ‘Annual Financial Statement’ heeft, zou als bijlage het ‘Jaaroverzicht 2025' zijn gevoegd. [verzoeker] ontkent dat hij deze bijlage heeft ontvangen en de bijlage bevindt zich ook niet bij de gedingstukken. De kantonrechter kan dan ook niet beoordelen of het jaaroverzicht 2025 voldoet aan de wettelijke en statutaire eisen. In de eerdergenoemde PowerPointpresentatie worden onder het kopje ‘Annual Financial Report’ enkel (zonder onderbouwing) de tegoeden op de betaal- en spaarrekeningen genoemd. De VvE heeft dan ook onvoldoende onderbouwd dat ze haar leden voorafgaand aan het besluit tijdig en voldoende heeft geïnformeerd over de financiën van de VvE over het jaar 2025. De VvE heeft ook niet aangeboden de balans en exploitatierekening met een toelichting alsnog in het geding te brengen.



4.13.
De kantonrechter overweegt dat er sprake is van een kleine VvE zonder een externe beheerder, waarbij het bestuur wordt gevormd door de leden. Dit betekent veelal dat er sprake is van een informele sfeer tussen de (vaak in hetzelfde pand wonende) leden en dat de besluitvorming niet altijd strikt volgens de regels van de akte van splitsing en het splitsingsreglement zal verlopen. Op zichzelf is dat begrijpelijk, maar dit mag er niet toe leiden dat (bijvoorbeeld) transparantie in de financiële situatie van de VvE ontbreekt en de leden onvoldoende voorbereid en geïnformeerd deelnemen aan de stemming in een algemene ledenvergadering. De vergadering had dan ook niet in redelijkheid tot vaststelling van het jaarverslag 2025 kunnen komen. De kantonrechter merkt op dat ook niet is gebleken dat een kascommissie voorafgaand aan het besluit advies heeft uitgebracht, dat de definitieve VvE-bijdrage over het boekjaar 2025 door de vergadering is vastgesteld en aan het bestuur décharge is verleend.



4.14.
Dit betekent dat het verzoek tot vernietiging van dit besluit wordt toegewezen.


vaststelling VvE-bijdrage



4.15.
Op grond van artikel 33 lid 2 van het modelreglement moet de vergadering van eigenaars jaarlijks een begroting vaststellen. Daarbij moet de vergadering ook het bedrag bepalen dat de eigenaars bij wijze van voorschot verschuldigd zijn, met inachtneming van ieders aandeel daarin.



4.16.
Ook moet de vereniging op grond van artikel 5:126 lid 1 BW een reservefonds in stand houden ter bestrijding van andere dan de gewone jaarlijkse kosten. Als de VvE niet beschikt over een (geldig) meerjarig onderhoudsplan (MJOP) moet de VvE op grond van artikel 5:126 lid 2 onder b BW een reservefonds hebben van ten minste 0,5% procent van de herbouwwaarde van het gebouw. Ook de bijdrage aan het reservefonds wordt gebaseerd op de jaarlijkse begroting.



4.17.
De VvE heeft onvoldoende gemotiveerd dat het besluit tot verhoging van de periodieke bijdrage is gebaseerd op een door de vergadering van de VvE vastgestelde begroting. Over de bijdrage aan het reservefonds is in het besluit niets vastgesteld. Op de mondelinge behandeling is door de bestuurder aangegeven dat het MJOP en het bepalen van de herbouwwaarde van het gebouw acties voor de toekomst zijn.



4.18.
Gelet op het vorenstaande is het besluit genomen in strijd met de akte van splitsing en de wet en dus nietig. Dat betekent dat het besluit niet bestaat. Een nietig besluit kan niet worden vernietigd. De kantonrechter komt dan ook niet toe aan het verzoek van [verzoeker] tot vernietiging van het besluit. Nu [verzoeker] niet heeft verzocht om nietigverklaring van het besluit, zal het verzoek worden afgewezen.


benoeming bestuursleden



4.19.

[verzoeker] heeft gesteld dat het benoemingsbesluit vernietigbaar is omdat het te nemen besluit niet op de agenda stond en hij niet voorafgaand aan de vergadering in de gelegenheid is gesteld zich kandidaat te stellen voor een bestuursfunctie. Bovendien is [naam 1] niet herbenoemd, aldus [verzoeker] . Daartoe overweegt de kantonrechter het volgende.



4.20.
In de door de VvE overgelegde e-mail van 6 januari 2026 aan de leden is als een van de agendapunten vermeld: “VVE committee/administration. Since [naam 5] ’s departure, we no longer have a chairperson.” Dat het voorgenomen besluit, de benoeming van de twee bestuursleden, niet letterlijk op de agenda staat, betekent niet automatisch dat het besluit ook vernietigbaar is. [verzoeker] had naar het oordeel van de kantonrechter uit dit agendapunt kunnen afleiden dat er een nieuw bestuurslid zou worden benoemd. Hij had zich dan ook voorafgaand aan of tijdens de vergadering kandidaat kunnen stellen. Uiteraard was het om elke schijn van partijdigheid te vermijden transparanter geweest als de kandidaatstelling door het bestuur tijdig was opengesteld en de namen van de kandidaat-bestuursleden op de agenda waren geplaatst.



4.21.
Dat het bestuur zich tijdens de vergadering op het standpunt zou hebben gesteld dat [verzoeker] niet tot het bestuur zou kunnen toetreden omdat hij niet in het pand woont, blijkt niet uit de notulen en is betwist. Bovendien kan in artikel 41 van het modelreglement deze restrictie niet worden gelezen. Een bestuurslid behoeft zelfs geen lid van de VvE te zijn. Dat het praktisch is als een bestuurslid in het pand woonachtig is, kan wel een argument zijn voor leden om tegen benoeming van een lid dat niet in het pand woont te stemmen.



4.22.
De vergadering hoefde geen besluit te nemen over de voortzetting van het [naam 1] als bestuurder. Op grond van artikel 41 lid 2 van het modelreglement wordt de administrateur (kantonrechter: bestuurder) immers benoemd voor onbepaalde tijd en kan hij of zij te allen tijde worden ontslagen door de vergadering.



4.23.
Het verzoek tot vernietiging van dit besluit zal dan ook worden afgewezen.



4.24.
Het aanvullende verzoek van [verzoeker] om een voorziening te treffen die waarborgt dat een nieuwe bestuursbenoeming plaatsvindt op transparante en reglementaire wijze wordt, los van de vraag of een dergelijk verzoek past binnen het kader van een procedure op grond van artikel 5:130 BW, dan ook afgewezen.


externe beheerder



4.25.
Ten aanzien van het besluit waarin de meerderheid tegen het voorstel van [verzoeker] heeft gestemd om een externe beheerder aan te stellen, overweegt de kantonrechter het volgende.



4.26.
Artikel 5:130 lid 1 BW bepaalt dat de kantonrechter een ‘besluit’ van de VvE kan vernietigen. De vraag of van vernietigbaarheid sprake is moet beantwoord worden op basis van de in artikel 2:15 BW daarvoor gegeven criteria. Volgens artikel 5:124 BW is dat artikel immers (ook) van toepassing op besluiten van verenigingen van eigenaars. De artikelen 14-16 van Boek 2 BW zijn geschreven voor besluiten die als rechtshandeling zijn aan te merken. Een rechtshandeling vereist een op een rechtsgevolg gerichte wil (artikel 3:33 BW).



4.27.
De beslissing om geen externe beheerder aan te stellen heeft geen rechtsgevolg. Er verandert namelijk niets. Deze beslissing kan daarom niet als een door de VvE genomen ‘besluit’ worden vernietigd. Het verzoek dat wel te doen is, zal dan ook worden afgewezen.


inzageverzoek



4.28.
Ten slotte heeft [verzoeker] verzocht om te bepalen dat het bestuur van de VvE hem binnen een door de rechtbank te stellen termijn volledige inzage verstrekt in de financiële administratie over ten minste de afgelopen vijf boekjaren en daarbij volledige inzage te verstrekken, althans afschrift te doen toekomen van:


de jaarrekeningen en exploitatieoverzichten van de VvE over de afgelopen vijf boekjaren,


een overzicht van de huidige kaspositie en eventuele reserveringen,


de verzekeringspolissen van de VvE,


de notulen van alle (formele en informele) ledenvergaderingen over de afgelopen 5 jaren.





4.29.
Op grond van artikel 195 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) kan, als een procedure aanhangig is, de partij die inzage wil de rechter die de hoofdzaak behandelt verzoeken de wederpartij te bevelen om inzage te geven. In dit geval is het inzageverzoek gelijktijdig met de hoofdzaak behandeld op de mondelinge behandeling. [verzoeker] heeft zijn belang tot inzage voldoende onderbouwd. De gegevens zijn relevant voor de rechtsbetrekking waarbij [verzoeker] partij is en hij heeft voldoende concreet omschreven om welke gegevens het gaat. Uit de stukken blijkt dat de VvE onvoldoende gehoor heeft gegeven aan zijn inzageverzoeken.



4.30.
Daarbij komt dat het bestuur op grond van artikel 41 lid 6 van het modelreglement verplicht is [verzoeker] inzage te verstrekken van de administratie van het gebouw en het beheer van de fondsen. De VvE betwist dit recht op inzage ook niet, maar voert aan dat nimmer sprake is geweest van een structurele weigering om financiële informatie aan [verzoeker] te verstrekken. De VvE heeft ook niet betwist dat zij beschikt over de door [verzoeker] verlangde stukken. Niet gebleken is dat de VvE hangende de procedure alsnog aan [verzoeker] inzage heeft gegeven dan wel afschriften van de stukken heeft verstrekt, hetgeen gelet op het verzoek voor de hand had gelegen. Ten slotte heeft de VvE geen beroep gedaan op een verschoningsrecht dan wel gewichtige redenen genoemd die zich tegen het verstrekken van de informatie verzetten.



4.31.
De conclusie is dat de vordering van [verzoeker] tot inzage wordt toegewezen in die zin dat de VvE hem binnen een maand na heden afschrift dient te verstrekken van de in de beslissing vermelde stukken. Het verzoek tot inzage en afschrift wordt daarbij beperkt tot de (boek)jaren 2020 tot en met 2025. Omdat notulen van een informele vergadering niet tot de stukken van de VvE behoren en een informele vergadering niet kan hebben geleid tot rechtsgeldig genomen besluiten, zal het verzoek om inzage van die stukken worden afgewezen.


proceskosten



4.32.
De VvE is (het meest) in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van [verzoeker] worden begroot op:









- salaris gemachtigde


€


576,00


(2 punten × € 288,00)




- nakosten


€


144,00


(plus de kosten van betekening zoals vermeld in de beslissing)




Totaal


€


720,00











4.33.
De beschikking zal uitvoerbaar bij voorraad worden verklaard.





5De beslissing

De kantonrechter


5.1.
vernietigt het besluit met betrekking tot het jaarverslag 2025,



5.2.
beveelt de VvE om aan [verzoeker] binnen een maand na vandaag inzage te verstrekken in de financiën van de VvE in die zin dat aan hem afschrift moet worden verstrekt van de volgende stukken:


de jaarrekeningen en exploitatieoverzichten van de VvE over de boekjaren 2020 tot en met 2025,


de notulen van de in de jaren 2020 tot en met 2025 gehouden ledenvergaderingen,


een overzicht van de huidige kaspositie en eventuele reserveringen,


de verzekeringspolissen van de VvE,





5.3.
veroordeelt de VvE in de proceskosten die aan de zijde van [verzoeker] tot op heden begroot worden op € 720,00, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als de VvE niet tijdig aan de veroordeling voldoet en de beschikking daarna wordt betekend,



5.4.
verklaart de beschikking uitvoerbaar bij voorraad,



5.5.
wijst af het meer of anders verzochte.










Deze beschikking is gegeven door mr. E.J. Otten, kantonrechter, en in het openbaar uitgesproken op 28 augustus 2026, in aanwezigheid van mr. B.A. Terwee, griffier.

452
















































2:48 lid 2 BW


Zie ook ECLI:NL:RBAMS:2025:9710
Link naar deze uitspraak