Inloggen 
 

 Registreren
 Wachtwoord vergeten?


Terug naar het beginscherm

 
 
 
Neem contact op met de Agro-advieslijn:
0570-657417 (Houtsma Bedrijfsadvies)
ECLI:NL:RBZWB:2026:7815 
 
Datum uitspraak:17-07-2026
Datum gepubliceerd:30-09-2026
Instantie:Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Zaaknummers:C/02/449554 / JE RK 26-10 C/02/449554 / JE RK 26-10
Rechtsgebied:Civiel recht
Indicatie:verl. OTS.
Trefwoorden:burgerlijk wetboek
 
Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Familie- en Jeugdrecht

Locatie Breda

Zaaknummer: C/02/449554 / JE RK 26-1086
Datum uitspraak: 17 juli 2026


Beschikking van de kinderrechter over een verlenging ondertoezichtstelling


in de zaak van


STICHTING JEUGDBESCHERMING BRABANT,
locatie Etten-Leur,
hierna te noemen: de gecertificeerde instelling (de GI),

over



[minderjarige 1]
,
geboren op [geboortedag 1] 2018 in [geboorteplaats 1] ,
hierna te noemen: [minderjarige 1] ,



[minderjarige 2]
,
geboren op [geboortedag 2] 2019 in [geboorteplaats 2] ,
hierna te noemen: [minderjarige 2] .

De kinderrechter merkt als belanghebbenden aan:



[de moeder]
,
hierna te noemen: de moeder,
wonende in [woonplaats] ,
advocaat mr. K.M.H. van Breugel, waarnemend voor mr. Ö. Aydogan uit 's-Hertogenbosch,



[de vader]
,
hierna te noemen: de vader,
zonder vaste woon- of verblijfplaats,
advocaat mr. C.J.J. Mouwen uit Tilburg.




1Het verloop van de procedure


1.1.
De kinderrechter neemt de volgende stukken mee in de beoordeling:


het verzoekschrift met bijlagen, ontvangen op 18 juni 2026;


het bericht met bijlage van mr. Aydogan, ontvangen op 15 juli 2026;


de brief van [minderjarige 1] , ontvangen op 17 juli 2026.





1.2.
De zitting met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 17 juli 2026. Daarbij waren aanwezig:
- namens de vader is zijn advocaat verschenen;
- de moeder met haar advocaat;
- een vertegenwoordigster van de GI.

De vader is correct opgeroepen, maar is mogelijk wegens ziekte niet ter zitting verschenen. De advocaat is gemachtigd om namens de vader het woord te voeren.



1.3.
De kinderrechter heeft [minderjarige 1] naar zijn mening gevraagd. [minderjarige 1] heeft een brief gestuurd.





2De feiten


2.1.
De moeder is belast met het ouderlijk gezag over [minderjarige 1] en [minderjarige 2] .



2.2.

[minderjarige 1] en [minderjarige 2] wonen bij de moeder.



2.3.
De kinderrechter van deze rechtbank heeft bij beschikking van 1 augustus 2024 [minderjarige 1] en [minderjarige 2] onder toezicht gesteld. Deze ondertoezichtstelling is daarna verlengd, laatstelijk bij beschikking van 29 juli 2025 met ingang van 1 augustus 2025 tot 1 augustus 2026.





3Het verzoek


3.1.
De GI verzoekt [minderjarige 1] en [minderjarige 2] onder toezicht te stellen voor de duur van een jaar en de beslissing uitvoerbaar bij voorraad te verklaren.





4De standpunten


4.1.
Namens de GI is in de overgelegde stukken en tijdens de zitting naar voren gebracht dat de zorgen over de kinderen niet voldoende zijn afgenomen. De doelen zijn niet behaald. Hoewel de begeleide contactmomenten tussen de kinderen en de vader positief verlopen, bestaat onvoldoende zekerheid over de mate waarin de vader zonder begeleiding in staat zal zijn aan te sluiten bij de behoeften, veiligheid en emotionele ontwikkeling van de kinderen. Er dient meer duidelijkheid te komen over de behandeling van de vader, de inhoud van de psychologische rapportage en de mate waarin de vader zich ontwikkelt, alvorens een eventuele verdere uitbreiding of onbegeleide omgang kan worden overwogen. Vooralsnog is het onbekend wanneer de behandeling van de vader kan plaatsvinden. Hierdoor is er geen concreet zicht op de start, de inhoud en de voortgang van de benodigde behandeling. Het is in het belang van de moeder dat zij structurele opvoedondersteuning ontvangt, zodat zij wordt versterkt in haar opvoedvaardigheden, emotieregulatie en het adequaat omgaan met spanningen rondom de opvoeding en de communicatie met de vader. De moeder heeft eerder hulpverlening lange tijd afgehouden. Het is positief dat zij de hulpverlening momenteel toelaat. De zorgen over de oudercommunicatie zijn groot. Het lukt de ouders niet om in het belang van de kinderen te denken. Zij handelen uit eigen belang en leggen de oorzaak van de problematiek vooral bij de andere ouder. De voortdurende spanningen en een gebrek aan constructieve samenwerking tussen de ouders heeft een negatieve invloed op de kinderen. Ook worden de kinderen belast met volwassenuitspraken. De kinderen bevinden zich hierdoor in een loyaliteitsconflict. In de komende periode dient in ieder geval te worden ingezet op de oudercommunicatie via praktijk Van den Ende. De vaste jeugdzorgwerker is momenteel niet beschikbaar in verband met zwangerschapsverlof. Zeer waarschijnlijk wordt op korte termijn een vaste waarnemer gevonden.



4.2.

[minderjarige 1] heeft zijn mening per brief kenbaar gemaakt. [minderjarige 1] heeft aangegeven dat hij de omgang met de vader leuk vindt, maar dat hij het een beetje veel is om iedere week naar de vader te gaan. [minderjarige 1] vindt het niet leuk dat de vader altijd zegt “eerst de meisjes en dan de jongens”, maar de vader luistert hier niet naar.



4.3.
Namens de vader is naar voren gebracht dat de vader kan instemmen met een verlenging van de ondertoezichtstelling. De kinderen moeten onbelast en onbegeleid contact met de vader kunnen hebben. Zij hebben last van de huidige situatie en hebben hierbij hulp nodig. Hiervoor moeten veel stappen worden gezet. Het lukt de ouders momenteel niet om in het vrijwillige kader in het belang van de kinderen met elkaar te communiceren. In de komende periode moet worden ingezet op de oudercommunicatie en het persoonlijke traject van de vader. De vader staat op een wachtlijst voor behandeling van zijn problematiek. Het persoonlijke traject is in samenspraak met de GI opgezet. Alleen indien de rechtbank het persoonlijke traject verplicht stelt, kan de vader met voorrang met de behandeling starten. Het is frustrerend voor de vader dat de GI de omgang pas wil uitbreiden nadat zijn behandeling en de therapie van praktijk Van den Ende volledig zijn doorlopen. Er worden geen zorgen gezien tijdens de begeleide omgangsmomenten. Daarnaast heeft eerder onbegeleide omgang plaatsgevonden waarbij ook geen zorgen werden gezien. De vader is bereid mee te werken aan begeleide omgang, maar hij wil ook stappen zetten naar onbegeleide omgang.
De advocaat zal met de vader bespreken dat het van belang is dat de uitkomst van het psychologische onderzoek in grote lijnen wordt gedeeld met de moeder.



4.4.
Door en namens de moeder is naar voren gebracht dat zij zicht refereert aan het oordeel van de kinderrechter wat betreft de verlenging van de ondertoezichtstelling. In de komende periode dient duidelijk te worden wanneer de ondertoezichtstelling gaat eindigen, nu er al lange tijd sprake is van een ondertoezichtstelling en er geen stappen door de vader worden gezet. Het is voor de kinderen verwarrend dat de omgang niet altijd doorgaat. Op school is de verwarring bij de kinderen eveneens waargenomen. De moeder is ervan geschrokken dat de omgang eerder is uitgebreid en dat na publicatie van het psychologisch rapport over de vader de omgang direct is stilgezet. De moeder maakt zich zorgen nu zij niet wordt geïnformeerd over de inhoud van het psychologisch rapport van de vader. Zij heeft hierdoor geen inzicht in de gevaren voor de kinderen. Er moet duidelijkheid komen over de problematiek van de vader. Momenteel vindt er geen direct contact tussen de ouders plaats. Mailcontact gaat via de GI en Umma zorg. De moeder houdt de vader per e-mail op hoogte over de kinderen. De vader reageert niet op de berichten van de moeder. Ook heeft de vader niet gereageerd op een bericht over de verdeling van de zomervakantie. Hierdoor twijfelt de moeder of de vader de kinderen wel wil zien. [minderjarige 1] is eerder flink geschrokken dat de vader in het ziekenhuis lag. Hiervoor heeft hij inmiddels therapie ontvangen. De moeder heeft eerder zelf hulpverlening vanuit de Droomboom voor de kinderen ingeschakeld, omdat zij zag dat de kinderen last hadden van de situatie. De moeder is trots dat beide kinderen het goed hebben gedaan en over zijn naar het volgende schooljaar.





5De beoordeling


5.1.
De kinderrechter kan op grond van artikel 1:260 eerste lid van het Burgerlijk Wetboek (BW) de duur van de ondertoezichtstelling telkens verlengen met ten hoogste een jaar. Hiervoor moet aan de grond van de ondertoezichtstelling (zoals beschreven in artikel 1:255 eerste lid BW) zijn voldaan.
De kinderrechter kan op grond van artikel 1:255 eerste lid BW een minderjarige onder toezicht stellen van een gecertificeerde instelling wanneer die minderjarige zodanig opgroeit dat hij in zijn ontwikkeling wordt bedreigd. Daarnaast moet:


de zorg die in verband met het wegnemen van deze bedreiging noodzakelijk is voor de minderjarige of voor zijn ouder(s) die het gezag uitoefenen, niet of onvoldoende door hen worden geaccepteerd, en


de verwachting gerechtvaardigd zijn dat de ouder(s) die het gezag uitoefenen de verantwoordelijkheid voor de verzorging en opvoeding van de minderjarige in staat zijn te dragen binnen een gelet op de persoon en de ontwikkeling van de minderjarige aanvaardbare termijn.





5.2.
Op grond van de stukken en wat tijdens de zitting is besproken concludeert de kinderrechter dat wordt voldaan aan de wettelijke vereisten voor een verlenging van de ondertoezichtstelling van [minderjarige 1] en [minderjarige 2] . Hoewel [minderjarige 1] en [minderjarige 2] het naar omstandigheden goed doen, worden zij nog altijd blootgesteld aan (de gevolgen van) de persoonlijke problematiek van de vader. Op dit moment is er wekelijks begeleide omgang tussen de kinderen en de vader, waarbij de regie over een eventuele uitbreiding bij de GI ligt. De vader geeft onvoldoende openheid van zaken over zijn persoonlijke problematiek en wil beschikbare psychologische informatie niet/onvoldoende delen met de GI en de moeder. Hierdoor kan geen goede inschatting worden gemaakt van de mogelijke (emotionele) veiligheidsrisico’s voor de omgang met de kinderen. Bovendien is hierdoor niet duidelijk wat de vader nodig heeft om te komen tot een minimale vorm van oudercommunicatie.



5.3.
Gebleken is dat de vader al enige tijd op de wachtlijst staat voor behandeling. Het is van cruciaal belang dat de behandeling van de vader zo spoedig mogelijk kan starten. De kinderrechter acht de huidige situatie waarin de kinderen niet kunnen rekenen op een vader die stabiel en voorspelbaar is namelijk schadelijk voor hun (identiteits)ontwikkeling. De kinderrechter verwacht van de vader dat hij zich volledig zal inzetten voor deze behandeling en dat hij in het belang van de kinderen relevante informatie daarover deelt met de GI en de moeder.



5.4.
Dit alles maakt dat de kinderrechter het verzoek van de GI zal toewijzen en de ondertoezichtstelling van [minderjarige 1] en [minderjarige 2] zal verlengen voor de duur van een jaar.



5.5.
De kinderrechter verklaart de beslissing uitvoerbaar bij voorraad, zoals is verzocht. Dat wil zeggen dat de beslissing direct geldt, ook als iemand in hoger beroep gaat.





6De beslissing

De kinderrechter:


6.1.
verlengt de ondertoezichtstelling van [minderjarige 1] en [minderjarige 2] voor de duur van een jaar, met ingang van 1 augustus 2026 tot 1 augustus 2027;


6.2.
verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.

Deze beslissing is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 17 juli 2026 door
mr. Phillips, kinderrechter, in aanwezigheid van Oonincx als griffier, en op schrift gesteld op 30 juli 2026.


Tegen eindbeslissingen in deze beschikking is hoger beroep mogelijk bij het gerechtshof ‘s-Hertogenbosch. Hiervoor is een advocaat nodig. Wie kunnen hoger beroep instellen:


degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;


andere belanghebbenden, binnen drie maanden na de betekening van deze beschikking of binnen drie maanden nadat zij op andere wijze daarvan kennis hebben genomen.
Link naar deze uitspraak