Inloggen 
 

 Registreren
 Wachtwoord vergeten?


Terug naar het beginscherm

 
 
 
Neem contact op met de Agro-advieslijn:
0570-657417 (Houtsma Bedrijfsadvies)
ECLI:NL:RBNHO:2026:13610 
 
Datum uitspraak:01-10-2026
Datum gepubliceerd:08-10-2026
Instantie:Rechtbank Noord-Holland
Zaaknummers:C/15/380230/ HA RK 26-151
Rechtsgebied:Civiel recht
Indicatie:Benoemen van één vereffenaar ten behoeve van twee erflaters. Geen verweer gevoerd tegen het verzoek.
Trefwoorden:burgerlijk wetboek
erfgenamen
testament
 
Uitspraak
RECHTBANK Noord-Holland

Civiel recht

Zittingsplaats Alkmaar

Zaaknummer / rekestnummer: C/15/380230 / HA RK 26-151


Beschikking van 1 oktober 2026 (bij vervroeging)


in de zaak van




1 [verzoeker sub 1] ,
te [woonplaats] ,2. [verzoeker sub 2],
te [woonplaats] ,3. [verzoeker sub 3],
te [woonplaats] ,4. [verzoekster sub 4],
te [woonplaats] ,5. [verzoeker sub 5],
te [woonplaats] ,6. [verzoekster sub 6],
te [woonplaats] ,7. [verzoekster sub 7],
te [woonplaats] ,8. [verzoeker sub 8],
te [woonplaats] ,
verzoekende partijen,
hierna samen te noemen: [verzoekers] ,
advocaat: mr. C. Vrieling.




1De procedure


1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:


het verzoekschrift,


de brieven en e-mailberichten van 27 juli 2026 die de rechtbank aan de erfgenamen het heeft gestuurd,


het bericht in de Staatscourant van 30 juli 2026, en


de e-mail van 4 september 2026 aan erfgenaam [erfgenaam 1] .





1.2.
De beschikking is bepaald op vandaag.





2De feiten


2.1.
Op 14 september 2024 is in Zaanstad overleden [erflater] , geboren in Betawi (Nederlands-Indië) op [geboortedatum 1] 1942 (hierna: erflater). De laatste woonplaats van erflater was Zaanstad.



2.2.
Op 6 oktober 2025 is in Alkmaar overleden [erflaatster] , geboren in Batavia (Nederlands -Indië) op [geboortedatum 2] 1938 (hierna: erflaatster). De laatste woonplaats van erflaatster was Alkmaar.



2.3.
Erflater en erflaatster zijn broer en zus van elkaar.



2.4.
Erflater en erflaatster hebben niet in een testament over hun nalatenschap beschikt. Zij waren ten tijde van hun overlijden niet gehuwd en hadden geen kinderen. Zij hebben daarom als erfgenamen achtergelaten hun broers en zusters en, bij overlijden van deze broers en zusters, de kinderen van deze broers en zusters. Dit betreffen:


mevrouw [erfgenaam 2] ,


mevrouw [erfgenaam 3] ,


de heer [erfgenaam 4] ,


de heer [erfgenaam 5] ,


de heer [erfgenaam 6] ,


mevrouw [erfgenaam 7] ,


mevrouw [erfgenaam 8] ,


de heer [erfgenaam 1] ,


de heer [erfgenaam 9] ,


de heer [erfgenaam 10] ,


de heer [erfgenaam 11] ,


mevrouw [erfgenaam 12]


mevrouw [erfgenaam 13] ,


mevrouw [erfgenaam 14] ,


de heer [erfgenaam 15] ,


de heer [erfgenaam 16] ,


de heer [erfgenaam 17] ,


en [verzoekers]







3Het verzoek


3.1.

[verzoekers] verzoeken de rechtbank op grond van artikel 4:204 lid 1 onder a Burgerlijk Wetboek (BW) bij beschikking uitvoerbaar bij voorraad mr. T.A. van der Pol, notaris, te benoemen tot vereffenaar van de nalatenschap van erflater en erflaatster.



3.2.
Aan het verzoek hebben [verzoekers] het volgende ten grondslag gelegd. Niemand van de erfgenamen heeft een keuze gemaakt of, en zo ja, hoe hij/zij de nalatenschappen van erflater en/of erflaatster wenst te aanvaarden. De nalatenschappen zijn momenteel onbeheerd. Het vermogen van erflater bedroeg ten tijde van zijn overlijden € 26.356,31. [verzoekers] schatten het vermogen van erflaatster ten tijde van haar overlijden op circa € 84.000,-. Gelet op de vele erfgenamen en omdat het [verzoekers] niet lukt in contact te komen met alle erfgenamen en verzoeken zij een professioneel vereffenaar te benoemen in beide nalatenschappen.





4De beoordeling


4.1.
De rechtbank heeft de erfgenamen genoemd onder 2.4 op de hoogte gesteld van het verzoek van [verzoekers] en verzocht de rechtbank te laten weten als de erfgenaam verweer wenst te voeren tegen het verzoek. In de betreffende brieven en e-mails en het bericht in de Staatscourant heeft de rechtbank daarnaast opgenomen dat als de rechtbank op 17 augustus 2026, 20 augustus 2026 respectievelijk 18 september 2026 geen reactie heeft ontvangen, de rechtbank er vanuit gaat dat de betreffende erfgenaam geen verweer wenst te voeren tegen het verzoek. De rechtbank heeft van geen van de erfgenamen bericht ontvangen. De rechtbank gaat er daarom vanuit dat er geen verweer wordt gevoerd tegen het verzoek een vereffenaar te benoemen. Om deze reden heeft de rechtbank de in artikel 4:206 BW genoemde personen niet voor een mondelinge behandeling opgeroepen.



4.2.
Het verzoek tot benoeming van een vereffenaar is op de wet gegrond en zal worden toegewezen.



4.3.
Mr. T.A. van der Pol heeft zich bereid verklaard om als vereffenaar van de nalatenschap op te treden.



4.4.
De rechtbank zal deze beschikking, zoals verzocht, uitvoerbaar bij voorraad verklaren.



4.5.
Ten overvloede overweegt de rechtbank dat het loon van de vereffenaar te zijner tijd zal worden vastgesteld door de kantonrechter. Conform de aanbevelingen opgenomen in de ‘Handleiding erfrechtprocedures kantonrechter’, dient het salarisvoorstel van de vereffenaar aan te sluiten bij de ‘Recofa-richtlijnen voor faillissementen en surseance van betaling’.





5De beslissing

De rechtbank


5.1.
benoemt

mr. T.A. van der Pol, notaris,
kantoorhoudende aan het kantoor Van der Straaten Notarissen, te Vorderban 1, Mijnsheerenland,

tot vereffenaar van de nalatenschap van:


[erflater] ,
geboren te Betawi (Nederlands-Indië) op [geboortedatum 1] 1942,
met als laatste woonplaats Zaandijk,
overleden op 14 september 2024 te Zaanstad,

en


[erflaatster] ,
geboren in Batavia (Nederlands-Indië) op [geboortedatum 2] 1938,
met als laatste woonplaats Alkmaar,
overleden op 6 oktober 2025 te Alkmaar,



5.2.
draagt de griffier op de benoeming van deze vereffenaar onverwijld in het boedelregister in te schrijven,



5.3.
draagt de vereffenaar op de benoeming bekend te maken in de Staatscourant,



5.4.
verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.









Deze beschikking is gegeven door mr. D.D.M. Hazeu en bij vervroeging in het openbaar uitgesproken op 1 oktober 2026.














































MKG/ DH



Artikel 288 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
Link naar deze uitspraak